een vernieuwende visie op mens, geld en waarde

Schaarste als mechanisme

Hoe ontkomen we aan de druk van het huidige geldsysteem? Achter die druk ligt een mechanisme dat zelden expliciet wordt benoemd: schaarste. Dit artikel verkent hoe schaarste het systeem draagt, en wat er zichtbaar wordt wanneer waarde weer het uitgangspunt wordt.

De olieprijzen zijn de afgelopen tijd sterk opgelopen. Dit wordt in de berichtgeving toegeschreven aan schaarste, als gevolg van spanningen rond de Straat van Hormuz.

Maar wie kijkt naar de feitelijke aanvoer van olie, ziet een genuanceerder beeld.

Een aanzienlijk deel van de olie die Europa bereikt, komt niet uit de Golfstaten, maar uit andere regio’s: Afrika, Noord- en Zuid-Amerika en dichter bij huis, de Noordzee. Deze stromen zijn, in potentie, voldoende om een vermindering van aanvoer uit het Midden-Oosten op te vangen.

Tegelijkertijd zien we dat mondiale oliestromen niet volledig stilvallen. Grote afnemers zoals China blijven olie importeren uit onder meer Iran en de Golfregio. Tankers blijven varen, ook in perioden van verhoogde spanning.

Dat roept een vraag op.

Is er daadwerkelijk sprake van fysieke schaarste, of speelt er iets anders?

De oliemarkt is bij uitstek een markt waarin verwachtingen en speculatie een grote rol spelen. Niet alleen de feitelijke beschikbaarheid, maar vooral het beeld van toekomstige schaarste bepaalt de prijs.

Schaarste — of het idee daarvan — heeft een prijsopdrijvend effect.

En dat effect is direct voelbaar. Aan de pomp. In transportkosten. In de prijs van voedsel en andere goederen. Olie werkt door in vrijwel alle lagen van de economie.

Een hogere olieprijs betekent dat het leven duurder wordt. Dat er meer geld nodig is om hetzelfde uitgavenpatroon te handhaven.

Voor de meeste mensen is er maar één manier om dat op te vangen: meer werken, of langer werken.

Hier raakt het aan een bredere dynamiek.

Wanneer de kosten van levensonderhoud stijgen, zonder dat de onderliggende schaarste voor iedereen zichtbaar of voelbaar is, ontstaat er een vorm van druk die moeilijk te plaatsen is — maar wel degelijk effect heeft.

Dan komt het moment waarop een eenvoudig verhaal zijn betekenis krijgt.

In een stripverhaal van Dagobert en Donald Duck wordt zichtbaar hoe een economie waarin geld centraal staat, afhankelijk is van schaarste om te blijven functioneren. Door een tornado wordt het geld van Dagobert over de stad verspreid. Iedereen is plotseling rijk. Maar die rijkdom blijkt niets waard. Niemand werkt nog. Het benzinestation is gesloten. Het restaurant is dicht. De wereld komt tot stilstand.

Alleen Dagobert blijft werken. Hij verbouwt voedsel en zorgt voor productie. Wanneer de anderen honger krijgen, verkoopt hij zijn oogst — tegen extreem hoge prijzen. Binnen korte tijd stroomt al het geld weer naar hem terug.

De orde is hersteld.

Wat dit eenvoudige verhaal laat zien, is dat een economie waarin geld centraal staat alleen functioneert zolang er schaarste is. Zodra iedereen voldoende heeft, verliest geld zijn betekenis. En daarmee ook de prikkel om te werken binnen dat systeem.

Dat roept een vraag op die verder gaat dan het verhaal zelf.

Wie of wat vertegenwoordigt Dagobert Duck?

Niet als persoon, maar als principe.

Voor mij staat na jaren onderzoek en verdieping vast dat het systeem waarin wij leven een hiërarchische opbouw kent, en dat deze opbouw niet losstaat van menselijk handelen. Het wordt gedragen, gestuurd en in stand gehouden door mensen.

Wanneer we kijken naar de wereld van vandaag, zien we dat veel essentiële markten — grondstoffen, energie, edelmetalen — worden beïnvloed door partijen met een zeer omvangrijk vermogen en daarmee samenhangende invloed. Historisch gezien concentreerde deze handel zich in centra zoals de City van Londen en later ook rond Wall Street.

Daar worden geen beslissingen genomen in de eenvoud van een stripverhaal. Maar de logica van anticiperen, sturen op verwachting en inspelen op toekomstige bewegingen is er wel degelijk aanwezig.

In markten zoals die van olie, goud en cryptocurrencies speelt niet alleen feitelijke schaarste een rol, maar vooral het beeld daarvan. Verwachtingen bewegen prijzen. En prijzen bewegen gedrag.

Voor kleinere deelnemers ontstaat daardoor een speelveld dat moeilijk te doorgronden is. Koersen kunnen zich bewegen op manieren die los lijken te staan van de onderliggende werkelijkheid. Dat geeft het geheel iets van een wereldwijd casino.

Niet zonder reden heb ik mijn boek Ending the Global Casino die titel meegegeven.

Maar daarmee is de kernvraag nog niet beantwoord.

Hoe beëindig je een spel waarvan de regels zo diep verweven zijn met het dagelijks leven?

Niet door een andere inzet te kiezen binnen hetzelfde spel.

Maar door je af te vragen of deelname nog vanzelfsprekend is.

Geld is op zichzelf niet het probleem. Het is een middel. De vraag is vanuit welke gedachte het wordt gebruikt en welke rol het heeft gekregen in de ordening van de samenleving.

Wanneer geld de toegang bepaalt tot wat noodzakelijk is om te leven, ontstaat afhankelijkheid. En die afhankelijkheid vormt gedrag.

Vaak wordt daarbij verondersteld dat overvloed mensen passief zou maken. Dat zij zonder financiële prikkel niet meer bereid zouden zijn om bij te dragen.

Dat is een achterhaalde opvatting.

Er zijn experimenten geweest met een basisinkomen, onder andere in de Verenigde Staten, al eind jaren zestig. Uit de experimenten kwam onder andere naar voren dat mensen juist meer bereid waren om te studeren, op basis daarvan geschikt werk te zoeken en om iets voor elkaar te betekenen. De proefnemingen werden beëindigd en verdwenen naar de achtergrond.

Voor mij staat vast dat het huidige systeem niet onbeperkt kan blijven bestaan.

De vraag is niet of het verandert, maar hoe wij ons daartoe verhouden.

Er zijn zaken die zich niet meer laten relativeren. Voor mij hoort daar de hiërarchische opbouw van het geldsysteem bij, en de noodzaak om onder die druk uit te komen.

De manier waarop, ligt niet vast.

Die ligt bij de mens zelf.

In de mate waarin wij ons losmaken van de vanzelfsprekendheid van geld als voorwaarde, en weer leren zien wat wij voor elkaar kunnen betekenen, verandert ook de uitkomst.

Niet als theorie.

Maar in het dagelijks leven zelf.

(c) Ad Broere, econoom

Een reactie plaatsen

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

error: Content is beschermd!!