Angst werkt verlammend, daarom is het ‘een slechte raadgever’. Wij worden overspoeld met nieuws dat de angst in ons aanwakkert. Alsof er niets anders is in de wereld dan oorlog, ziekte en rampen.
Het is nogal logisch dat mensen daardoor in een hele kleine wereld gaan leven, waarbinnen het nog tot op zekere hoogte vertrouwd is.
Je kunt echter nog zo diep wegduiken, de realiteit zoals die zich aan ons voordoet, dringt onbarmhartig overal doorheen.
Wat moeten we? Wat kunnen we?
Wij denken dat het allemaal nog staat te gebeuren en leven niet met het besef dat het zich al aan het voltrekken is.
Er is een stille crisis, die zich aan het ontwikkelen is. Een crisis op economisch en sociaal vlak. Een van de grootste veroorzakers hiervan ligt in de concentratie van bezit. Ik zie dit als fenomeen en niet als iets, waarvoor enkele mensen verantwoordelijk zijn. Laat me het daarom zorgvuldig analyseren.
Concentratie van bezit
In mijn boeken, podcasts en blogartikelen heb ik herhaaldelijk gewezen op de concentratie van bezit bij een relatief kleine groep mensen als een fundamentele oorzaak van groeiende ongelijkheid. Die ongelijkheid is geen statisch gegeven, maar een zichzelf versterkend proces. Geld trekt geld aan. En wanneer bezit eenmaal groot genoeg is, groeit het vermogen grotendeels vanzelf.
Dat gebeurt via wat men passief inkomen noemt: rendement op kapitaal zonder directe arbeid. Het principe is eenvoudig. Wie al veel bezit, kan het laten werken. En wie het laat werken, vergroot zijn bezit in een tempo dat voor de meeste mensen onbereikbaar is.
Neem een eenvoudig voorbeeld. Iemand bezit € 500 miljoen, verdeeld over aandelen, vastgoed, opties, cryptovaluta en andere beleggingen. Bij een gemiddeld netto rendement van vijf procent groeit dit vermogen met € 25 miljoen per jaar. Zelfs wanneer daar belasting en een royale levensstijl van worden afgetrokken, blijft een substantiële vermogensgroei over. Het jaar daarop wordt dat rendement berekend over een nóg groter vermogen. Zo versnelt het proces zichzelf.
Zonder iets te produceren, zonder iets toe te voegen aan de reële economie, kan bezit zich binnen enkele decennia verdubbelen.
Op zichzelf zou men kunnen zeggen: laat hen. Maar hiermee wordt een tweede, wezenlijke factor over het hoofd gezien.
Wanneer vermogen schaarste creëert
Groot vermogen zoekt altijd nieuwe investeringsmogelijkheden. En wanneer er meer kapitaal is dan zinvolle, productieve bestemmingen, verschuift investeren naar speculatie. Dat zien we vandaag overal terug: in de explosieve stijging van vastgoedprijzen, in grondhandel, in energie, voedsel, farmacie en technologie.
Niet omdat deze zaken schaarser worden door natuurlijke oorzaken, maar omdat zij aantrekkelijk zijn geworden als beleggingsobject. Voor wie veel bezit, zijn stijgende prijzen geen probleem. Voor wie leeft van arbeid, worden zij dat wel.
Zo ontstaat een wereld waarin prijzen worden bepaald door investeringslogica, niet door menselijke behoefte. En waarin steeds grotere groepen mensen moeite krijgen om in hun basisbehoeften te voorzien.

Belastingen: noodzakelijk, maar onvoldoende
Vaak wordt gezegd dat hogere belastingen voor vermogenden de oplossing zijn. In theorie klinkt dat rechtvaardig. In de praktijk is het complexer.
Zeer vermogenden beschikken niet alleen over geld, maar ook over juridische, fiscale en politieke invloed. Vermogen is mobiel. Belastingen zijn nationaal. Wie kan, verplaatst zijn bezit. En wie blijft, heeft weinig zeggenschap over wat er met dat belastinggeld gebeurt.
Zelfs wanneer er daadwerkelijk meer belasting wordt geheven op grote vermogens, verdwijnt dat geld in de algemene staatskas. Daar wordt het besteed volgens bestaande politieke prioriteiten — die vaak weinig te maken hebben met het doorbreken van ongelijkheid. In veel gevallen vloeit het geld via defensie, infrastructuur of subsidies uiteindelijk weer terug naar dezelfde economische machtsstructuren.
Belastingheffing alléén doorbreekt de dynamiek van vermogensconcentratie niet. Zij kan hooguit vertragen, maar zelden transformeren.
De stille crisis
Op VPRO Tegenlicht sprak recent Gary Stevenson, voormalig handelaar in de valutamarkt. Als insider beschrijft hij wat zich volgens hem nu ontvouwt als een stille economische crisis. Zijn analyse is helder: zolang vermogen structureel sneller groeit dan inkomen uit arbeid, verschuift de samenleving onvermijdelijk uit balans — ten koste van jongeren en toekomstige generaties.
Voeg daarbij de afnemende werkgelegenheid door automatisering en AI, en het beeld wordt nog schrijnender. Steeds meer mensen raken losgekoppeld van bestaanszekerheid, terwijl bezit zich verder concentreert.
Wat kunnen wij doen?
Als belastingheffing onvoldoende oplost en macht zichzelf beschermt, blijft één terrein over waarop nog wél invloed mogelijk is: ons dagelijks handelen.
Geld is niet alleen een ruilmiddel, het is ook een stembiljet. Waar wij het uitgeven, versterken wij structuren — of verzwakken we ze.
Dat betekent:
- zoveel mogelijk lokaal en regionaal besteden
- kleine en onafhankelijke ondernemingen ondersteunen
- minder afhankelijk zijn van grote platformen en ketens
- ruilsystemen en gemeenschappen opnieuw ruimte geven
- alternatieve financieringsvormen verkennen buiten de grootbanken

Dit zijn geen heroïsche daden. Het zijn stille keuzes. Maar precies daarin ligt hun kracht.
Werkelijke verandering ontstaat zelden via grote systemen die zichzelf in stand houden.
Zij ontstaat wanneer mensen ophouden mee te bewegen in het verdeel-en-heersmechanisme dat hen afhankelijk houdt.
Niet uit idealisme, maar uit helderheid.
(c) Ad Broere
Wil jij meer van mij lezen? Behalve op dit blog , schrijf ik ook een maandelijkse nieuwsbrief. Je kunt je hierop abonneren via deze link.