Oplossingen genoeg…

De diepe hersenspoeling via de media heeft ertoe geleid dat de meeste mensen met de neus in de verkeerde richting zijn gedraaid. Het systeem van probleem-reactie-oplossing blijkt prima te functioneren.

Door een probleem voor te schotelen en daar de aandacht op te richten, wordt bewerkstelligd dat mensen worden geconfronteerd met angst dat ‘als daar niets aan wordt gedaan, het volkomen mis gaat’. Dit gekoppeld aan het schuldgevoel waar tweeduizend jaar kerkreligie debet aan is, maakt dat wij ons onmachtig gaan voelen om problemen van die omvang aan te kunnen en dat we ons moeten toevertrouwen aan autoriteiten die ons naar de oplossing kunnen begeleiden. Sterker, ons schuldgevoel geeft ons in dat we er alles voor over moeten hebben om uit de problemen te komen.

Zo is in 1968 op het landgoed van David Rockefeller in Italië de socialistische milieureligie ontstaan. Een bewuste keuze van ‘De Club van Rome’ om de mensheid opnieuw in schuld te binden aan een probleem dat oneindig veel groter is dan zijzelf. De eminente Canadese klimatoloog Prof. Dr. Ball, die dit ‘spel’ ontmaskerde, werd beticht van het bedrijven van samenzweringstheorieën. Hij toonde ook wel erg pijnlijk duidelijk de tekortkomingen in de CO2 theorie aan en dat paste niet in het gewenste beeld. Ik ontken hiermee niet dat er een verandering lijkt op te treden in het klimaat. Het feit echter, dat de mensheid hiervoor verantwoordelijk wordt gehouden en wij na tweeduizend jaar bestraffende God in het nieuwe schuldgevoel worden gedompeld van de aarde te verpesten, is niet alleen ernstig, het werkt verlammend en veroorzaakt een gevoel van onmacht.

Wij zijn niet hoofdverantwoordelijk. Ja, we rijden in auto’s, vliegen met vliegtuigen naar verre bestemmingen en zo nog veel meer. Dat maakt ons echter niet schuldig. We kijken zoals gezegd, beinvloed door de media, de verkeerde richting uit. De hoofdverantwoordelijken zijn de grenzeloos hebzuchtigen, die in hun streven naar zoveel mogelijk geld met geld te verdienen, banken en rondom deze banken concerns hebben laten ontstaan, die hun belangen ver boven die van de aarde en alles wat erop leeft hebben gesteld. Daardoor zijn mens, aarde, planten, bomen, dieren, vissen en zeeën geëxploiteerd, uitgebuit, om zoveel mogelijk geld te ‘verdienen’. De natuur, mens en aarde worden omgezet in geld. Geld dat uiteindelijk waardeloos zal blijken te zijn, maar nadat alles is uitgeput en er niets meer te halen valt. Is dit overdreven? Ik vind van niet, de fossiele brandstoffenconcerns hadden al lang met de enorme winsten die ze maakten ervoor kunnen zorgen dat er schone energievormen waren ontwikkeld. Dat was echter niet de wil van de belanghebbenden, de aandeelhouders. Ik kan aan dit feit nog veel andere toevoegen, maar daar gaat het in dit artikel niet over.

Mijn doel is niet anders dan onontkoombaar duidelijk te maken dat wij, mensen die welzijn en menswaardigheid belangrijker vinden dan miljarden te bezitten, ons losmaken van het systeem dat ons gevangen houdt en dat ons de illusie van onmacht geeft. Ik merk daarbij dat juist deze boodschap niet lijkt over te komen bij heel veel mensen omdat de hersenspoeling zo diep en zo effectief is dat daardoor het begripsvermogen lijkt te zijn aangetast.

In ‘Geld in de Bijrol’ benoem ik een groot aantal mogelijke oplossingen, die elk voor zich pas betekenis gaan krijgen als ze van onderen af worden gedragen door onszelf. Niet programma’s waarin we worden gezogen in de illusie dat het beter wordt door ons daarvoor in te zetten. Voor mij zijn het evenzoveel afleidingen. Als het ene probleem lijkt te zijn opgelost, dan dient het volgende zich weer aan. Als een doos van Pandora. Echte verandering komt vanuit onszelf. Daarvoor moeten we ons losmaken van het gevoel van onmacht en schuld. Wij zijn tot zoveel in staat als we van onze eigen kracht uit gaan.

In ‘Geld in de Bijrol’ beschrijf ik onder andere het initiatief van Iwanjka Geerdink. In het hierna volgende fragment wordt zijn initiatief door mij beschreven. Iwanjka liep in Nederland aan tegen scepsis, desinteresse, gebrek aan medewerking et cetera. Hij zit nu in Malawi en treft daar veel meer openheid voor zijn initiatief aan. Vanzelfsprekend, zullen veel mensen zeggen, want daar hebben ze niets, dus het kan alleen maar beter worden. Ja, hier leven we in de illusie van ‘alles te hebben’. Maar is dat zo? Is dit een menswaardige samenleving? Zijn we in elkaar geïnteresseerd? Hebben we iets gezamenlijk waarop we trots kunnen zijn, wat ons blij maakt? Iets wat we van de grond af met elkaar opbouwen? Wie is er echt in geïnteresseerd om de economie opnieuw met elkaar uit te vinden, om ons los te maken van de grootbanken en de concerns? Iwanjka heeft besloten om zijn ideaal buiten Nederland te verwerkelijken. Ik beschouw dit als een groot verlies en een gemiste kans, want er zijn niet zoveel mensen zoals hij. Het kost in Nederland onnoemelijk veel energie en uithoudingsvermogen om tegen de stroom van ontkenning, ongeïnteresseerdheid en niet willen weten in te roeien.

Fragment uit ‘Geld in de Bijrol’

De Nederlander Iwanjka Geerdink heeft een alternatief bedacht voor cryptogeld dat begrijpelijk en toegankelijk is voor iedereen. Zijn uitgangspunt is dat iedereen in staat moet zijn om geld te mijnen, niet alleen de mensen met verstand van computers en computerprogramma’s, die het geld hebben om erin te investeren. Het geld dat geen geld is, maar een activatiemiddel van de economische bloedsomloop, heet Ziny en dit betekent zinvolle currency. Iedereen kan Ziny’s verdienen door zinvol werk te doen voor de gemeenschap. Een uur werk voor de gemeenschap levert één Ziny op. Hiermee kan in de primaire levensbehoeften – voeding, kleding, drinken, dak boven je hoofd – worden voorzien. De initiatiefnemer zette op een Tegenlicht Meetup de volgende eigenschappen op een rij:

Het grootste goed van dit initiatief is dat het dicht bij de mensen staat en dat het van mensen zelf uitgaat. Het is begrijpelijk en kan ertoe gaan bijdragen dat het armoedeprobleem wordt aangepakt. Er zijn nog heel wat hindernissen die moeten worden geslecht voordat de Ziny in de praktijk van betekenis kan worden. Wie zorgt er bijvoorbeeld voor dat mensen die Ziny’s hebben verdiend ze ook krijgen? Wie stelt vast of de Ziny’s ook echt zijn verdiend: wat voor werk is ervoor gedaan? Welke bedrijven, bakkers, supermarkten, kleding- en schoenenwinkels et cetera zijn bereid ze te accepteren als betaling? Er is veel medewerking van (lagere) overheid en bedrijfsleven voor nodig om deze munt echt te laten werken. Ook moet er een manier worden gevonden om overtollige Ziny’s kwijt te raken. Bijvoorbeeld door de bakker de gelegenheid te bieden de Ziny’s om te wisselen voor euro’s, als de bakker zelf geen bestedingsmogelijkheden heeft voor zijn Ziny’s. Dit zou bijvoorbeeld door de gemeente kunnen worden gedaan, omdat daar belang is bij het slagen van dit project en omdat tevreden deelnemers eerder bereid zijn om door te gaan met hun deelname. Geen probleem is te groot of er is wel een oplossing voor te bedenken, als de wil aanwezig is om een succes van dit initiatief te maken.

Tot zover dit fragment. Ik wens ons allen beterschap.

(c) Ad Broere, auteur en econoom