Kleinschalige economie en samenwerken, daar gaat het om

De informatie die ik vorige week uit betrouwbare bron kreeg was schokkend. Het beeld dat eruit naar voren kwam, is dat de autoriteiten totaal geen greep hebben op de zich ontvouwende gebeurtenissen.

Het deed me denken aan het interview met een Zwitserse oud-bankier. De economieën van Europa en Noord-Amerika komen in een snelle neergang, om plaats te maken voor Azië, in het bijzonder voor China. Dit gaat gepaard met schokkende gebeurtenissen. Eigenlijk is het al een gelopen race, want de ontwikkelingen die hiertoe leiden zijn al decennia geleden ingezet.

Het is een minuut voor twaalf, als het al geen twaalf uur geweest is. Hoe bereik ik mijn medelanders om duidelijk te maken dat als we nu niet in actie komen, er straks teveel chaos kan zijn ontstaan om nog iets te kunnen. In artikelen en in mijn recente boek ‘Geld in de bijrol’ kom ik vaak terug op twee hoofdthema’s. De eerste is dat geld met geld verdienen niet alleen buitengewoon destructief is voor de aarde en alles wat erop leeft, het is vooral het middel waarmee de superrijken gigantische geldstromen naar zich toehalen. Aan de superrijkdom is een grenzeloze macht verbonden en tegelijkertijd veroordelen de superrijken minstens de helft van de wereldbevolking tot gebrek en armoede. Zolang de mensheid blijft geloven in de illusie van ook tot grote welstand te kunnen komen als je maar hard genoeg werkt, dan blijft het systeem en de daarbij behorende ratrace in stand. Het is het ieder voor zich, resulterend in enkele winnaars en massa’s verliezers.

Het tweede thema waaraan ik in mijn artikelen en boeken veel aandacht besteed, is ‘De schoonheid van het kleine, een economie als de mens ertoe zou doen’, wat de titel is van het boek dat dr. Ernst Friedrich Schumacher schreef in 1973. Het gaat om kleinschaligheid, producenten en consumenten dicht bij elkaar brengen, regionale economie, waardoor het meeste wat je nodig hebt van dichtbij komt van kleinschalige producenten. De globalisering van de afgelopen tientallen jaren heeft tot gevolg gehad dat de economie steeds meer wordt gedomineerd door multinationale ondernemingen en banken. De beweging is het omgekeerde van kleinschaligheid. De grootschalige multinationale ondernemingen en de banken domineren en daar is ook het geld geconcentreerd. Kleine innovatieve ondernemers hebben het in dit klimaat uiterst moeilijk om hun bedrijf tot ontwikkeling te brengen. Als het hen al lukt met een nieuw product of een nieuwe innovatieve dienst, dan worden ze al snel opgeslokt door een multinational en krijgen ze een zak geld mee.

Ik zie daarom twee onderwerpen die wij eensgezind moeten aanpakken en zoals dat wordt genoemd ‘van onderen op’, om ervoor te zorgen dat als de pleuris uitbreekt, wij daar niet massaal aan onderdoor gaan. De eerste is loskomen van het bankengeld, dus van de euro, de dollar, de yuan et cetera, want dat geld ontstaat door schuld en wordt gebruikt om geld met geld te ‘verdienen’. Door het geld met geld verdienen wordt behalve schuldenslavernij ook een voortdurende, massale geldstroom in stand gehouden van degenen die werken voor hun geld naar hen die geld voor zich laten werken. En de laatstgenoemden zijn -uitzonderingen daargelaten – allesbehalve menslievend en niet bereid om het geld dat ze aan degenen die werken voor hun geld terug te geven. Liever stallen ze op plaatsen waar het is onttrokken aan het oog van de wereld. Het gaat daarbij om bedragen die elke voorstelling tarten. In feite is het een groot deel van de oogst van de eeuwenlange inspanningen, de werkkracht en inzet van de mensheid.

Omdat de superrijken – uitzonderingen daargelaten- hun vermogen onder geen beding willen teruggeven aan de mensheid is een andere oplossing noodzakelijk.

De tweede is dat als we het lot weer in eigen handen willen nemen wij kleinschaligheid moeten gaan koesteren en kleinschalige ondernemers die innovatieve producten voortbrengen de voorkeur gaan geven.

Het komt erop neer dat we gaan bouwen aan een eigen economie, die zoveel als mogelijk los staat van het geglobaliseerde monster dat we nu hebben. Van de overheid hoeven we het niet te verwachten, want die zijn gevangen in de globalistische structuren.

Als wij iets gaan doen dan moet het mijns inziens heel eenvoudig zijn. Het moet kunnen worden begrepen door zoveel mogelijk mensen, want voor verandering is draagvlak nodig. Geen ideologie, geen nieuwe hiërarchie met nieuwe machthebbers en nieuwe rijken en al helemaal geen nieuwe leiders. En we moeten snel en praktisch handelen, want de kans dat het binnenkort niet meer lukt is levensgroot aanwezig.

 

Op 29 januari plaatste ik deze oproep op Facebook:

GEZOCHT: ‘10.000’ mensen die willen meewerken aan een kleinschalige economie, waarbinnen in alle belangrijke primaire levensbehoeftes kan worden voorzien.
GEZOCHT: ‘100’ producenten die voeding, kleding, energie, gezondheidsproducten reparatie van apparaten, onderhoud van woningen, circulair bouwen et cetera, et cetera kunnen leveren.
GEZOCHT: mensen die de energie en de kennis hebben om een goed netwerk op te zetten, waardoor de producenten weten wat ze moeten produceren en de consumenten krijgen waaraan ze behoefte hebben.
GEZOCHT; mensen die de energie, de kennis en de ervaring hebben om een rente- en speculatievrij geldsysteem op te zetten, waardoor het netwerk (de coöperatie) loskomt van het bankengeld.
GEZOCHT: mensen die het belang van de gemeenschap boven hun eigen belang willen en kunnen stellen.
HET IS EEN MINUUT VOOR TWAALF, als we hier nog even mee wachten of weer in oeverloze discussies verzeild raken, dan kan er straks als de chaos is uitgebroken niets meer worden gedaan. Laten we de tijd die we nog hebben heel goed gebruiken.

Ik schreef verder: “Ik ben geen ondernemer en ook geen organisator. Heb evenmin de ambitie om hier een leidende rol in te spelen. Ik ben waarschuwer en leg dit idee voor. Ik hoop dat mensen die daarin beter zijn dan ik, dit netwerk of coöperatie op poten willen zetten!
Het doel is dus om op een uiterst praktische manier te voorzien in zoveel mogelijk essentiële levensbehoeftes, door direct verbinding te leggen tussen producenten van die levensbehoeftes (‘100’ producenten) en de gebruikers van die levensbehoeftes (‘10.000’ consumenten). Dit wordt gedaan op een manier die doelmatig is, zonder franje en die betaalbaar is, doordat alleen degenen die echt iets leveren daarvoor worden beloond. Alle deelnemers delen gelijkmatig in de voordelen van deze aanpak en omdat er geen geld met geld binnen het netwerk wordt verdiend, is er geen mogelijkheid voor hebzuchtigen om onevenredig veel te profiteren.”

Het aantal positieve reacties hierop is overweldigend. Voor het door algoritmes zwaar beperkte Facebook, werd het bericht heel veel gedeeld en idem dito ‘geliked’. Dit betekent dat er een groot draagvlak is voor het idee. Op mijn oproep om er vorm aan te geven door het in een uitvoerbaar plan uit te werken en het plan vervolgens ook daadwerkelijk uit te voeren werd door een aantal mensen constructief gereageerd. Vervolgens blijkt echter hoe moeilijk het is voor sommige mensen om over hun eigen schaduw heen te stappen. Want ‘ik heb al een plan klaarliggen.’, ‘je moet je bij die en die aansluiten’ et cetera. Reacties waarmee wordt aangegeven dat er niet begrepen wordt waarom het draait. Het gaat om een ontwikkeling van onderen op. Dit betekent dat er geen behoefte is aan een kant en klaar plan, maar aan de vraag aan alle geïnteresseerden wat zij willen. Daar kom je alleen achter door middel van een vragenlijst. Op deze manier weet je wat er gewild wordt. Ik hoop er nog steeds op dat er mensen zijn die dit willen oppakken, want informatie is de enig juiste basis om op verder te gaan. Verder hoop ik vanzelfsprekend dat energieke en deskundige mensen die het belang van de uitwerking van dit idee met mij delen, het gaan oppakken en er met elkaar voor zorgen dat die netwerken of coöperaties er snel gaan komen.

© Ad Broere, auteur en econoom