Zelfbedrog

3 juni 2012 Auteur: Edith Melchers    We zijn in een denk­beel­di­ge we­reld gaan le­ven, vol Eu­ro­pe­se my­thes en
drog­re­de­ne­rin­gen op ba­sis waar­van hon­der­den mil­jar­den wor­den ge­re­ser­veerd,
uit­ge­ge­ven, ge­le­gi­ti­meerd. Want het doel, de een­wor­ding van Eu­ro­pa,
is hei­lig. Nie­mand vraagt zich in die su­pra­na­ti­o­na­le krin­gen meer af
of een vreed­zaam en wel­va­rend Eu­ro­pa niet be­ter ge­diend is met een een­heid
in ver­schei­den­heid, zon­der ge­meen­schap­pe­lij­ke munt, zon­der de macht
van Ol­li en Nee­lie en Jan Kees. Ver­blind door zelf­be­drog mar­che­ren we
de af­grond in.

EU-politici verblind door zelfbedrog

Hoe zou het zijn om als Jan Kees de Ja­ger door het le­ven te gaan en zon­der
mor­ren stand­pun­ten in te ne­men die al­le kan­ten uit kun­nen draai­en? Hij
wekt niet de in­druk een man te zijn die daar­van wak­ker ligt. En dat komt om­dat
hij zich­zelf de ma­gi­sche for­mu­le heeft aan­ge­praat dat het no­dig is wat
hij doet. Er staan ho­ge­re za­ken op het spel. Het gaat om zo­iets ver­he­vens
als de toe­komst van Eu­ro­pa. Daar­voor is een Unie no­dig. En een Unie heeft
een ge­meen­schap­pe­lij­ke munt en een krach­ti­ge cen­traal-fe­de­ra­tie­ve
re­ge­ring no­dig. Zon­der de Unie zijn wij ver­lo­ren. Dit is wat Jan Kees
denkt als hij weer re­to­risch moet draai­en en dit of dat moet zeg­gen.

Er zijn veel ge­le­gen­he­den te­gen­woor­dig die om ver­kla­rin­gen en uit­leg
schreeu­wen. Een Eu­ro­pees nood­fonds, bij­voor­beeld, vraagt om een ex­tra
con­text. En Jan Kees doet ver­vol­gens wat in het al­ge­meen be­lang, al­thans,
ge­de­fi­ni­eerd door de po­li­tie­ke eli­te, no­dig is.

Op elk ni­veau van de hier­ar­chie zie je dit me­cha­nis­me zijn ver­woes­ten­de
werk doen, en of ze nou Jan Kees of Nee­lie of Her­man (Van Rom­puy) he­ten, ze
doen al­le­maal het­zelf­de. Hun ver­kla­rin­gen val­len sa­men met de my­tho­lo­gie
die in de su­pra­na­ti­o­na­le sub­cul­tuur van de Eu­ro­pe­se po­li­tie­ke eli­te
is ont­staan. De drog­re­de­ne­rin­gen over wat een na­tie­staat in een glo­ba­li­se­ren­de
we­reld kan over­ko­men, wor­den daar al­le na­ge­ka­keld. De ramp­za­li­ge ge­vol­gen
die ont­staan na­dat er be­slui­ten zijn ge­no­men op ba­sis van die drog­re­de­ne­rin­gen,
wor­den ver­vol­gens als spring­plank ge­bruikt voor nog ramp­za­li­ge­re be­slui­ten.

We zeg­gen dat de eu­ro in een cri­sis ver­keert door­dat Zuid-Eu­ro­pe­se lan­den
te veel geld heb­ben ge­leend en niet eens de ren­te kun­nen op­hoes­ten. Het
is on­denk­baar dat de es­sen­tie van dat schul­den­ver­schijn­sel door die po­li­tie­ke
eli­te wordt be­noemd. Nee, we spre­ken over een cri­sis, niet over de in­he­ren­te
aard van de eu­ro, die on­ver­mij­de­lijk tot de hui­di­ge cri­sis moest lei­den
aan­ge­zien de ge­meen­schap­pe­lij­ke munt een cri­sis­munt is, per de­fi­ni­tie.
Zo­lang je die wer­ke­lijk­heid blijft ont­ken­nen, ben je bij mach­te om te be­we­ren
dat er op­los­sin­gen zijn. Dat de eu­ro zich kan her­stel­len. Dat de schul­den­lan­den
hun ren­te op een dag kun­nen be­ta­len zo­dra ze maar de te­ring naar de ne­ring
zet­ten en hun ‘con­cur­ren­tie­po­si­tie’ heb­ben ver­be­terd.

Dat is al­le­maal leu­gen en be­drog.

Ca­ta­stro­fe

De Grie­ken kun­nen hun ‘con­cur­ren­tie­po­si­tie’ niet ver­be­te­ren. De Grie­ken
kun­nen hun po­si­tie ten op­zich­te van de Duit­sers niet ver­be­te­ren aan­ge­zien
ze niet in een con­cur­ren­tie­strijd met de Duit­sers ver­ke­ren. Ze pro­du­ce­ren
heel an­de­re din­gen dan Sie­mens, Daim­ler, Air­bus. Maar heel veel car­riér­es,
denk aan die van Her­man en Nee­lie, zijn ten diep­ste met de Eu­ro­pe­se re­to­riek
en Eu­ro­pe­se my­tho­lo­gie ver­we­ven ge­raakt, en dus is het on­mo­ge­lijk
om de bit­te­re fei­ten van de ramp die eu­ro heet on­der ogen te ko­men. Ze
zul­len naar op­los­sin­gen blij­ven zoe­ken, en de red­dings­fond­sen nog gro­ter
ma­ken dan ze al zijn, aan­ge­zien het voor hun on­voor­stel­baar is te aan­vaar­den
dat de ge­meen­schap­pe­lij­ke munt, en het he­le pro­ject van de fe­de­ra­li­se­ring
van Eu­ro­pa, fei­te­lijk een ca­ta­stro­fe is.

Europees Parlement

Europees Parlement

Re­to­riek

We heb­ben dus te ma­ken met de re­to­riek van een klei­ne maar mach­ti­ge
groep van po­li­ti­ci die met zich­zelf op de loop is ge­gaan. Dank­zij het sys­teem
van de ver­te­gen­woor­di­gen­de de­mo­cra­tie heb­ben die po­li­ti­ci de ge­dach­te
dat zij een lei­den­de, vi­si­o­nai­re eli­te vor­men die de mas­sa’s in be­we­ging
moe­ten bren­gen naar een ver­e­nigd Eu­ro­pa, in in­sti­tu­ties we­ten om te
zet­ten. Er zijn nu machts­or­ga­nen waar­mee zij hun denk­beel­den macht ver­leend
heb­ben. We wach­ten te­gen­woor­dig met span­ning op de sig­na­len die een man
die Ol­li Re­hn heet gaat ge­ven.

Wie is Ol­li? Ol­li is een Fin. Hoe komt het dat Ol­li zo­veel macht heeft? Dat
komt om­dat Ol­li Eu­ro­com­mis­sa­ris is. Waar­om heb­ben we in span­ning op
Ol­li’s sig­na­len ge­wacht? Hij gaat over de cent­jes, en kan boe­tes uit­de­len.
Heeft u op Ol­li ge­stemd? Nee. Wat doet Ol­li met ons? Hij heeft macht over
ons.

Ol­li Re­hn is ge­bo­ren in Mik­ke­li, wist u dat? Hij is hoog­op­ge­leid en
ver­keer­de al vroeg in de gan­gen van de Eu­ro­pe­se my­tho­lo­gie. De Raad
van Eu­ro­pa, het Eu­ro­pe­se Par­le­ment, hoog­le­raar Eu­ro­pe­se Stu­dies,
daar­na in de com­mis­sie-Bar­ro­so I Com­mis­sa­ris voor de Uit­brei­ding, Com­mis­sa­ris
voor On­der­ne­min­gen en In­for­ma­tie­maat­schap­pij. En van­af 2010 in de
com­mis­sie-Bar­ro­so II de por­te­feuil­le Eco­no­mi­sche en Mo­ne­tai­re Za­ken.
Het pro­to­ty­pe van de Eu­ro­pe­se bu­reau­craat.

De Ol­li’s in Brus­sel heb­ben hun ei­gen ide­o­lo­gie ont­wik­keld. Kos­te wat
kost moet het Eu­ro­pe­se pro­ject ge­red wor­den. Geld doet er niet toe. In die
krin­gen be­ken­nen dat het pro­ject ge­strand is door de in­voe­ring van de ge­meen­schap­pe­lij­ke
munt, is het­zelf­de als zelf­moord ple­gen. Dat kan niet. On­denk­baar. Dus
gaat ie­der­een ver­der op de in­ge­sla­gen weg. En wor­den mil­jar­den aan­ge­sleept,
bij­ge­drukt of vir­tu­eel in com­pu­ter­be­stan­den ge­creëerd ten­ein­de de
fei­ten on­der­ge­schikt te ma­ken aan de fic­tie dat de Grie­ken op een dag
als de De­nen zul­len le­ven en wer­ken.

Jan Kees is snel aan zijn rol ge­wend ge­raakt. Hij zal zeg­gen wat no­dig is.
Niet dat hij liegt. Nee. De om­stan­dig­he­den dwin­gen hem om te waar­schu­wen
voor een mo­ge­lij­ke split­sing van de eu­ro in een noor­de­lij­ke en zui­de­lij­ke
munt. In zijn po­li­tiek-ide­o­lo­gi­sche om­ge­ving, die hij in­mid­dels ver­in­ner­lijkt
heeft, kan hij niet an­ders dan zo­iets zeg­gen. Hij zou als een pa­ria wor­den
uit­ge­kotst als hij iets an­ders zou be­we­ren.

We zijn in een denk­beel­di­ge we­reld gaan le­ven, vol Eu­ro­pe­se my­thes en
drog­re­de­ne­rin­gen op ba­sis waar­van hon­der­den mil­jar­den wor­den ge­re­ser­veerd,
uit­ge­ge­ven, ge­le­gi­ti­meerd. Want het doel, de een­wor­ding van Eu­ro­pa,
is hei­lig. Nie­mand vraagt zich in die su­pra­na­ti­o­na­le krin­gen meer af
of een vreed­zaam en wel­va­rend Eu­ro­pa niet be­ter ge­diend is met een een­heid
in ver­schei­den­heid, zon­der ge­meen­schap­pe­lij­ke munt, zon­der de macht
van Ol­li en Nee­lie en Jan Kees. Ver­blind door zelf­be­drog mar­che­ren we
de af­grond in.

(c) Edith Melchers