Waterloo en Rothschild

Peter de Waard, columnist in de Volkskrant levert een bijdrage aan 200 jaar na Waterloo door het verhaal te debunken dat Nathan Rothschild in 1815 de basis voor zijn immense vermogen heeft gelegd door te profiteren van voorkennis met betrekking tot de winnaar van de slag bij Waterloo. De Waard noemt het een hardnekkige mythe, die door de nazi’s is gebruikt om het anti Joodse sentiment aan te wakkeren. Gelukkig, zo schrijft de Waard, is er Nial Ferguson die een lijvige biografie heeft geschreven over de Rothschilds. Ferguson heeft korte metten gemaakt met ‘de mythe’. Hieraan voeg ik toe dat Ferguson voor zijn research vooral gebruik heeft gemaakt van de archieven van de Rothschilds zelf.

Wie is er tweehonderd jaar na Waterloo nog geïnteresseerd in de eventuele beursmanipulatie van Nathan Rothschild? Inmiddels ligt er heel wat stof op wat er in die tijd op schrift is gezet. Onwelkome informatie over de handel en wandel van de Rothschilds kan inmiddels zijn verdoezeld of herschreven. De latere biografen kunnen gebruik hebben gemaakt van gemanipuleerde informatie. Daarom is de uitspraak van de rechtbank van New York zo interessant. Wat gebeurde er? In 1913 publiceerde Ignatius Balla het door hem geschreven boek ‘The Romance of the Rothschilds’. Hierin werd de beursmanipulatie door Nathan Rothschild in 1815 beschreven en dan in het bijzonder hoe Nathan Rothschild misbruik had gemaakt van zijn informatie over de uitkomst van de slag bij Waterloo om de beurshandel in Londen op het verkeerde been te zetten. Een jaar later, in 1914, spande de eerste baron van Rothschild, de kleinzoon van Nathan Rothschild een rechtszaak aan bij de rechtbank van New York om het boek te verbieden. Zijn reden was dat de naam van zijn grootvader werd belasterd door de volgens hem onjuiste voorstelling van de gebeurtenissen direct na de slag bij Waterloo. Ondanks het gewicht van zijn naam en titel verloor de eerste baron van Rothschild de rechtszaak en werd hij veroordeeld tot het betalen van de proceskosten.

Ik las hierover in het uitstekend gedocumenteerde boek ‘The Secrets of the Federal Reserve’ van Eustace Mullins en deed onderzoek in het archief van de New York Times. In de editie van 1 april 1915 stond inderdaad in een artikel dat was gewijd aan de op 31 maart 1915 overleden eerste baron van Rothschild, dat deze tevergeefs heeft getracht het boek van Balla uit de handel te krijgen. We weten dat het de Rabobank recent nog is gelukt om het boekje ‘De Verpanding’ te verbieden via de rechter vanwege het noemen van namen van bijzonder beheer medewerkers van die bank in ‘De Verpanding’. Als er ook maar enige aanleiding zou zijn geweest om Rothschild zijn zin te geven, dan zou de rechtbank in 1914 anders hebben beslist dan men deed. Ik heb dit in mijn ogen belangrijke artikel gedownload en hier toegevoegd. Het is zeker niet iets om af te doen als ‘knipseltje’.

 

De mailcorrespondentie die ik op 17 juni had met Peter de Waard is in omgekeerde volgorde hieronder geplaatst.

wordt vervolgd…

17 juni 2015 14:22

Peter de Waard aan Ad Broere

Uiteraard – en dat kan je ook niet verwachten – heb ik zelf geen grootschalig onderzoek naar deze zaak gedaan. Ferguson staat niet alleen in zijn standpunt. Ik heb zoveel mogelijk de laatste bronnen genomen. Dat betekent niet dat ik je knipseltje niet serieus neem. Misschien moet het definitieve verhaal nog worden geschreven.

17 juni 2015 14:17

Ad Broere aan Peter de Waard

Balla beschrijft in zijn boek de gang van zaken als volgt: Nathan Rothschild beschikte over meer en betere informatie over het verloop van de slag bij Waterloo dan zijn concurrenten. Hij posteerde zichzelf na zijn terugkomst van het continent op zijn gebruikelijke positie in de London Stock Exchange (een tekening hiervan staat op de cover van het boek van Kaplan, ‘The critical years’). Nathan verkocht zijn effecten in een hoog tempo, waaruit zijn concurrenten concludeerden dat Wellington de slag had verloren. Een massale verkoop was het gevolg en de koersen zakten tot een dieptepunt. Op deze baisse markt kocht Nathan Rothschild vervolgens grote hoeveelheden effecten op en legde daarmee een belangrijke basis voor zijn fortuin. Je kunt niet zeggen dat het handelen op basis van meer en betere informatie verwijtbaar is. Wel dat hij de beurs op het verkeerde been heeft gezet door zijn verkoop tactiek. Het zou van eerlijk koopmanschap hebben getuigd als Nathan Rothschild effecten zou hebben gekocht in plaats van ze te verkopen. 

 Nathan Mayer Rothschild

Nial Ferguson rept met geen woord over het proces dat de kleinzoon van Nathan aangespannen heeft tegen Balla. Als een persoon met die naam en titel het onderspit delft in een proces dat erop is gericht om de naam van zijn grootvader te zuiveren, dan is dat niet iets om badinerend over te doen of om het te negeren in een biografie. Ik begrijp niet waarom je de biografie van Ferguson zo’n groot gewicht toedicht dat je ´ervan uitgaat dat Ferguson het proces wel zal hebben besproken en geconcludeerd dat het vonnis fout was´. Als het vonnis fout zou zijn geweest dan zou Nathan Mayer Rothschild vast en zeker in hoger beroep zijn gegaan. Ferguson heeft zich bij zijn research bovendien in belangrijke mate gebaseerd op de archieven van de familie Rothschild zelf en dat kun je toch niet een geheel objectieve bron noemen.

 

Op 17 juni 2015 13:32 schreef Peter de Waard 

Dank, ik heb niet alles gelezen van het onderzoek van Niall Ferguson. Maar ik neem aan dat hij naar dit vonnis heeft gekeken en het onjuist heeft bevonden op grond van andere bronnen, niet die van 100 jaar waarop in 1934 een Hollywoodfilm werd gebaseerd en in 1940 de film Die Rothschilds.

 

Van: Ad Broere  Verzonden: woensdag 17 juni 2015 13:30 Aan: Peter de Waard Onderwerp: Re: rothschild en waterloo

Jazeker, dat is de intentie van het ‘knipsel’ Peter. Als de eerste baron de Rothschild, kleinzoon van Nathan, niet tegenover de rechter heeft kunnen aantonen dat de weergave van Balla in ‘Romance of the Rothschilds’ onjuist is en wordt veroordeeld tot het betalen van de proceskosten, dan heeft dat wel degelijk betekenis. 

Op 17 juni 2015 13:21 schreef Peter de Waard 

Dank voor je knipsel. Wat is de intentie daarvan: omdat het proces is verloren zou Nathan mogelijk wel de markt hebben gemanipuleerd?

 

Van: Ad Broere  Verzonden: woensdag 17 juni 2015 12:26 Aan: Peter de Waard Onderwerp: rothschild en waterloo

Zonder verder op de column in de VK van 17 juni 2015 te willen ingaan, wil ik graag jouw gewaardeerde aandacht vragen voor een artikel dat ik uit het archief van de New York Times van 1 april 1915 heb opgediept. Ik heb een pdf van dit artikel toegevoegd aan deze mail. De in 1915 overleden telg uit het Rothschild geslacht, baron Nathan Mayer Rothschild, kleinzoon van de ‘Waterloo’ Nathan Rothschild heeft in 1914 een rechtszaak aangespannen tegen Ignatius Balla de auteur van ‘The Romance of The Rothschilds’. In het bijzonder vanwege diens voorstelling van de gang van zaken tijdens en na de slag bij Waterloo. Hij was van mening dat het boek een smet op de naam van zijn grootvader wierp en wilde dat het boek verboden werd vanwege de laster. Nathan Mayer Rothschild verloor de rechtszaak, zoals je in het artikel kunt lezen. 

/web/downloads/101757206-1.pdf