Vele kleintjes maken 1 grote

14 mei 2011 In Een Menselijke Economie
schreef ik, dat een belangrijk gevolg van de financiële crisis zou zijn, dat
banken zouden terugkeren naar een conservatief risicomijdende houding. Het
midden- en kleinbedrijf en vooral startende ondernemers zouden hiervan de dupe
zijn, omdat banken deze categorieën als riskant beschouwen.

In weerwil van de retoriek van banken, dat er geen verandering is in de houding naar starters en het MKB 
voor en na de crisis, hebben in de praktijk de bewijzen van het tegendeel zich
opgestapeld. Het is daarom niet verbazingwekkend, dat jonge ondernemers naar
nieuwe wegen zijn gaan zoeken om hun bedrijf te financieren. Een
financieringsinstrument, dat in toenemende mate aan populariteit wint is
crowdfunding. Crowdfunding betekent ‘funding door de ‘crowd’, ofwel vele kleine
‘investeerders’ en belanghebbenden die bereid zien om kleine bedragen te
investeren voor bepaalde doelen waarbij zij zich betrokken voelen. Deze
belanghebbenden geven allemaal een relatief klein geldbedrag wat bij elkaar
opgeteld leidt tot één grote investering waarmee de doelen verwezenlijkt kunnen
worden.

Crowdfunding 1

Succes roept altijd tegenkrachten op. Op 4 mei   waarschuwden
de kampioen van het financiële establishment De Nederlandse Bank (DNB) en de
waakhond van de financiële markten AFM voor de mogelijke gevaren van ‘crowdfunding’. DNB
en AFM stellen dat: ‘Op crowdfunding kunnen wettelijke bepalingen van
toepassing zijn waarmee bij de opzet van deze platforms rekening moeten worden
gehouden. Daarnaast kunnen risico’s voor de gebruikers bestaan.’ Nu zijn er
gelukkig wakkere juristen, die de dreigende taal van DNB en AFM ontzenuwen. Eén van hen is John Molenaar, verbonden aan Van Diepen Van der
Kroef advocaten, die in het FD van 14 mei schrijft: ‘Gelukkig heeft de Europese
wetgever er oog voor gehad, dat het voor sommige transacties met geringe omvang
te belastend is om een vergunning aan te vragen of een prospectus op te
stellen. Zo kan een onderneming voor de financiering van haar eigen
activiteiten via crowdfunding zonder vergunning of prospectus een bedrag van €
2,5 miljoen van beleggers opvragen in een periode van twaalf maanden mits zij
in reclame-uitingen en aanbiedingsdocumenten vermeldt dat de aanbieding
geschiedt zonder vergunningsplicht en dat zij niet onder toezicht staat van het
AFM.’

Met € 2,5
miljoen zijn de meeste startende ondernemers ‘geknipt en geschoren’. Dus de
dreigende woorden van DNB en AFM kunnen voor kennisgeving worden aangenomen. De
tips die het AFM geeft aan potentiële beleggers in een crowd fonds om hen te
beschermen tegen eventuele malafide praktijken hebben eveneens een lichtelijk
intimiderend karakter, mogelijk bedoeld om potentiële beleggers af te schrikken. Het
doet bij mij de vraag rijzen waar het AFM was toen er massaal bij Icesave werd
gespaard, om een voorbeeld te noemen dat de waakhond lag te slapen.
Vanzelfsprekend is het nodig, dat de vrager van het geld transparant is naar de
aanbieders van het geld en gespecificeerd inzicht geeft in wat hij of zij met
het geld gaat doen en op welke manier en wanneer er rendement zal worden behaald.
Maar het is niet nodig om dat te doen door middel van een prospectus en op
basis van een vergunning van de AFM. Voor verreweg de meeste jonge ondernemers
zou dat spannen van het paard achter de wagen betekenen.

Het mooie
van crowdfunding is, dat het gaat om relatief kleine bedragen per belegger, dat
er op een goede manier gebruik wordt gemaakt van de mogelijkheden die internet
biedt en vooral, dat jonge ondernemers een kans krijgen. Want daarmee blijft de
hoop op een goede toekomst van onze economie levend.

 Crowdfunding 2

 6 augustus 2011

Op 1 september verschijnt een nieuw Nederlands literair tijdschrift. Het heet Das Magazin
en wil onder meer met opvallende vormgeving de jeugd bereiken.
Opmerkelijk is de financiering: het nulnummer wordt betaald door middel
van crowdfunding. Liefhebbers kunnen een bijdrage storten en ontvangen
daarvoor een beloning, waarvan de vorm afhangt van het gedoneerde
bedrag.

Daniël van der Meer, interviewer voor De Groene Amsterdammer en redacteur bij uitgeverij Babel & Voss, is een van de initiatiefnemers van Das Magazin.
Op het boekenbal ontmoette hij Toine Donk; samen kwamen ze tot de
conclusie dat de tijd rijp was voor een nieuw literair tijdschrift.
‘Veel van onze leeftijdgenoten weten nauwelijks van het bestaan van
literaire tijdschriften’, zegt Van der Meer. ‘Wij willen die leemte
opvullen. Toine werkt bij Athenaeum Nieuwscentrum en  ziet daar wie de
bestaande tijdschriften kopen. Daar zit zelden iemand onder de veertig
bij.’