Is geldschepping niet vertrouwd bij de overheid?

‘We moeten het niet toestaan dat de overheid de geldkraan in handen krijgt. De Weimar republiek in Duitsland in de jaren ’20 van de vorige eeuw en Zimbabwe zijn afschrikwekkende voorbeelden van wat er gaat gebeuren als we de overheid z’n gang laten gaan. Enorme geldontwaarding, chaos en ellende zijn het gevolg.’

Dit is een reactie van de banken op het Burgerinitiatief Ons Geld. Op 21 april 2015 werd het initiatief met 115.000 handtekeningen aangeboden aan de Tweede Kamer. Op 2 juli 2015 werd het initiatief ontvankelijk verklaard door de Tweede Kamer. De belangrijkste doelstelling van het initiatief is de scheiding van geldcreatie en gelddistributie. Geldcreatie moet een taak worden van een publiek instituut en gelddistributie blijft een taak van de financiële sector. De initiatiefnemers zijn van mening dat commerciële ondernemingen met een winstoogmerk geen geld mogen scheppen. Tot nu toe is dit wel zo. 95% van al het geld dat in omloop is, wordt door banken gecreëerd. Door schuld, dus op basis van het leningcontract dat de klanten van banken tekenen. En uit het niets, dus geld dat er niet was voordat het leningscontract werd getekend door de klant. Geld dat wordt gecreëerd door ondernemingen – want dat zijn banken- die het belang van de aandeelhouders boven dat van de samenleving als geheel plaatsen. Daarom moet geldschepping niet aan de banken worden overgelaten, maar moet het een taak worden van de overheid en moet geld worden gecreëerd op basis van maatschappelijke doelstellingen. Vanzelfsprekend is het niet gewenst dat deze publieke instelling wordt gestuurd door de politiek. Het moet worden bestuurd door mensen die daartoe in staat zijn.

De financiële sector houdt de distributiefunctie. Dit betekent dat ondernemingen en particulieren lenen bij de bank. Die banken lenen echter op hun beurt geld bij het publieke instituut. En dat kan rentevrij. Waardoor banken ook rentevrij geld kunnen uitlenen. Bijvoorbeeld voor hypotheken. Nee, dit leidt er niet toe dat de huizenprijzen gaan stijgen en dat mensen hypotheken krijgen zonder daarvoor in aanmerking te komen. Dat heeft niets met rente te maken, maar wel met de kwaliteit van het werk dat banken behoren te doen. Het is namelijk de taak van banken om te beoordelen of de aanvrager van een lening wel of niet in aanmerking komt voor de lening en hoeveel de aanvrager kan lenen gelet op zijn inkomen. Dat is de dienstverlening die van banken wordt verwacht. Als ze die niet kunnen leveren omdat ze niets meer dan een grote computer zijn geworden, dan zullen er bedrijven ontstaan die dat wel kunnen. Zoiets heet marktwerking. Het inkomen van de banken of de bedrijven die zich gaan richten op gelddistributie is dan niet meer gebaseerd op rente, maar op de dienstverlening.

De waarschuwing van de banken, met verwijzing naar bijvoorbeeld de Weimar republiek, dat overheden niet kunnen omgaan met geldschepping is volkomen misplaatst. In dit artikel van Edgar Wortmann wordt het uitgelegd. 

Ad Broere