Gemiddeld worden de verkeerde conclusies getrokken

2 oktober 2014 (bewerkt op 3 oktober) Nederland is het op drie na rijkste land ter wereld, blijkt uit de dinsdag gepubliceerde Global Wealth Report van de Duitse verzekeraar Allianz.

‘De ranglijst van Allianz is gebaseerd op het netto vermogen per inwoner. Voor Nederlanders bedroeg dat in 2013 gemiddeld 71.430 euro, 3,8 procent meer dan in het voorgaande jaar. Alleen in Zwitserland, de Verenigde Staten en België bezitten de bewoners meer. Ten opzichte van de vorige ranglijst is Nederland een plaats gestegen, van 5 naar 4. De hele wereld is in 2013 rijker geworden. Het totale vermogen van particuliere huishoudens wereldwijd steeg met bijna 10 procent naar de recordhoogte van 118 biljoen euro. Volgens Allianz is de groei onder meer te danken aan goed presterende aandelenbeurzen in Japan, de VS en Europa.’

Dit wekt de indruk dat het uitstekend gaat met Nederland en de rest van de wereld. Dat dit niet meer dan schijn is omdat de vermogensverschillen enorm zijn en steeds groter worden wordt in dit bericht niet vermeld.
Exclusief de overwaarde van de eigen woning was er in 2012 een totaal vermogen van 687,5 miljard euro –zichtbaar- beschikbaar voor de 7,5 miljoen huishoudens in Nederland. Hiervan bezaten de rijkste 750.000 huishoudens 477,6 miljard euro, of 70%. De armste 50% had vrijwel geen bezit, 20 miljard, d.i. 3%. Als daarbij de eigen woning wordt betrokken, dan had die 50% 46,9 miljard euro meer hypotheekschuld dan waarde in de eigen woning.

Zichtbaar vermogen, omdat vooral de rijksten kunnen profiteren van belastingontwijkende constructies en ook omdat vermogenscomponenten zoals aanmerkelijk belang (meer dan 5% bezit van de aandelen in een besloten of naamloze vennootschap) in werkelijkheid meer waard zijn dan waarvoor het in de statistieken wordt opgenomen.

 

Cbs Ink En Verm 3

 

 

Vanzelfsprekend hebben de jonge gezinnen meer te lijden van de huizenprijzendaling dan de oudere huishoudens, omdat ze nog weinig hebben kunnen aflossen of omdat ze zijn opgezadeld met slecht renderende beleggingshypotheken. Relatief veel jonge gezinnen hebben hun woning daardoor ‘onder water’ staan. Niet alle huishoudens hebben een koophuis, er zijn ongeveer 3,9 miljoen koophuizen in Nederland. Dit betekent dat er 3,6 miljoen huishoudens zijn met een huurwoning. De huren zijn in de afgelopen twee jaar buitenproportioneel gestegen en zullen dat bij ongewijzigd beleid ook blijven doen. De vrije sector huurprijzen groeien voorbij de financiële draagkracht van veel huishoudens die op een huurwoning zijn aangewezen. Door de stijging van deze en de overige vaste lasten komen veel hurende huishoudens niet aan bezitsvorming toe en een toenemend aantal heeft moeite het hoofd boven water te houden. Voeg hieraan de stijgende werkloosheid toe en het is duidelijk dat de rijkdom van de Nederlanders in toenemende mate wordt geconcentreerd bij een relatief klein aantal huishoudens.  

De ouderen die hebben kunnen aflossen op hun hypotheek staan er gunstiger voor, hoewel dit niet overdreven moet worden omdat niet meer dan 15% van de 65-plus huishoudens qua vermogen iets beter af is dan de huishoudens jonger dan 65. De rijkste huishoudens zijn beter vertegenwoordigd onder die jonger dan 65. Het inkomen van veel ouderen is aanzienlijk slechter dan dat van veel jongeren (zie de tabellen)

Het is daarom uiterst dubieus om uitspraken als –Nederland is het op drie na rijkste land in de wereld – te doen op basis van gemiddelden. Het kan al snel leiden tot verkeerde conclusies en als gevolg daarvan tot verkeerde beleidsbeslissingen.

 

(c) Ad Broere