15 augustus 2012 Het ESM is door de parlementen van alle zeventien eurolanden geratificeerd, het laatst door Duitsland, waar de Bondsdag met een ruimschootse meerderheid instemde.  De logische gevolgtrekking, dat het ESM en het daarmee samenhangende begrotingspact worden ingevoerd, blijkt echter een onjuiste te zijn, want de invoering van het ESM en het begrotingspact zijn uitgesteld tot minimaal 12 september 2012.

Duitsland heeft een sleutelpositie in het ESM, want het is niet alleen de sterkste economie van alle eurolanden, het heeft ook de meeste stemrechten.  Nu blijkt, dat het Constitutioneel Hof in Karlsruhe het laatste woord heeft over de deelname van Duitsland aan het ESM en het begrotingspact. Op 12 september 2012 doet het Hof uitspraak over een aantal klachten, die door Duitse burgers zijn ingediend. Het Hof toetst deze klachten aan de Duitse grondwet. Als de klachten gegrond worden verklaard, dan kan dat tot gevolg hebben, dat het ESM en het begrotingspact worden afgeblazen.  Of dat het ESM bij het nemen van elke beslissing die de Duitse begroting raakt, afhankelijk blijft van toestemming van het parlement.  En dat was nu juist niet de bedoeling van de ontwerpers van dit instituut, want het is van het begin af bedoeld als instrument om de financiële macht te verleggen van de parlementen van de eurolanden naar de EU. Er zit wel humor besloten in deze gang van zaken, want als het ESM door het Hof in Karlsruhe op deze manier vleugellam zou worden gemaakt, dan wordt het precies het vehikel, waarvan de media en de politiek steeds hebben gezegd dat het zou worden; een onder de controle van de nationale parlementen staand instituut. Het begrotingspact zou wel eens helemaal in de prullenbak kunnen verdwijnen, want als het Hof in Karlsruhe van mening zou zijn, dat er door dit pact overdracht plaatsvindt van soevereiniteit naar de EU en het daardoor in strijd is met de Duitse grondwet, dan heeft het geen grond van bestaan meer.

Op 14 augustus 2012 plaatste de Volkskrant een opiniestuk van de Tilburgse hoogleraar financiering Eijffinger en Mujagic, monetair econoom, waarin werd betoogd, dat de politiek en in het bijzonder Angela Merkel wikt, maar dat het Constitutioneel Hof in Karlsruhe beschikt. Ook dit heeft een humoristisch element, want dezelfde heren waren op 10 maart 2012 van mening, dat de Europese schuldencrisis onvermijdelijk tot meer Europese integratie zou leiden en tot een significante overdracht van soevereiniteit. Vijf maanden later, verklaarden zij, dat al in september 2011 door het Hof van Karlsruhe een schot voor de boeg van Angela Merkel en haar Europese beleid was gegeven en dat de spelregels toen al waren bepaald. Over dit cruciale aspect werd  in het artikel van maart 2012 geen melding gemaakt. Kortom, we blijven gevangen tussen hoop en vrees, want de druk op de rechters in Karlsruhe is groot.  De financiële markten en het internationale bedrijfsleven, de hele bliksemse euro lobby,  zullen deze tot een maximum opvoeren. Ik wens de rechters veel kracht, moed en wijsheid toe, want dat zullen ze vast nodig hebben.

10 maart 2012: De Europese schuldencrisis zal niet alleen resulteren in een diepere integratie op het gebied van het begrotingsbeleid in correctieve en preventieve zin, maar tevens tot een significante overdracht van nationale soevereiniteit leiden. Het Europese semester , dat als onderdeel van de preventieve arm van het Stabiliteits- en Groeipact (SGP) ingevoerd is, impliceert dat de voorlopige begrotingen vooraf voorgelegd moeten worden aan de Europese Commissie, die deze weer terug kan sturen naar de nationale ministers van Financien indien deze niet op realistische vooronderstellingen gebaseerd zijn. Bovendien kan de Commissie van de ministers structurele hervormingen eisen om het structurele begrotingstekort terug te brengen. De Europese randvoorwaarden voor het nationale begrotingsbeleid worden stringenter.

14 augustus 2012: Zo hoor je in het Nederlandse debat bijna altijd dat de Europese Economische en Monetaire Unie (EMU) deze en toekomstige crises alleen kan overleven als de eurozone een begrotingsunie vormt, in welke mate en vorm dan ook. Een begrotingsunie betekent een zekere mate van soevereiniteitsoverdracht van de lidstaten naar Europees niveau. In Duitsland heeft het Hof in Karlsruhe daar het laatste woord over, niet de regering in Berlijn. Dat is een feit en geen kwestie van er mee eens of oneens zijn. Economen kunnen het Duitse Hof ook niet buitenspel zetten door maar aan te nemen dat het geen rol speelt, omdat het een onwelgevallige waarheid is bij de boodschap die zij menen te moeten uitdragen. Ook kunnen deze economen zich er niet gemakkelijk van af maken door op te merken dat het louter een kwestie voor juristen is.

De beslissing van het Hof is van existentiële betekenis voor het voortbestaan van de eurozone. Wie wel rekening houdt met de hoogste Duitse rechters, begaat echter een enorme fout door te denken dat het Hof in Karlsruhe met zijn uitspraak op 12 september 2012 de spelregels opnieuw gaat bepalen. Karlsruhe heeft die spelregels namelijk nu bijna een jaar geleden, op 7 september 2011, al bepaald. Sterker nog, toen heeft Berlijn de eerste gele kaart gekregen. Wat Europa op 12 september gaat horen, is niet wat de spelregels zijn, maar of Berlijn de tweede gele kaart, en dus rood, zal krijgen met betrekking tot het permanente noodfonds (ESM).
In elk voorstel om de eurocrisis op te lossen is meer geld op tafel leggen de cruciale factor. In zijn oordeel van september vorig jaar bepaalde het Hof dat het dan in feite gaat over wat de Duitse rechters 'begrotingsaangelegenheden' noemen en die noemt het Hof 'een centraal element van soevereiniteit'. Dit betekent dat elke keer als er geld uit het permanente noodfonds moet worden opgenomen, de Duitse regering verplicht is het Duitse parlement om toestemming te vragen. Als dat niet zou gebeuren, dan zou het stemrecht van de kiezer worden uitgehold. Dat zou in strijd zijn met de Duitse grondwet. Het Hof heeft verder bepaald dat Duitsland 'geen permanente mechanismen mag opzetten die ertoe zouden leiden dat Duitsland verplichtingen op zich neemt waarvan de omvang afhankelijk is van besluiten in andere eurolanden en waarover het Duitse parlement dus niets te zeggen heeft'.

 

 

 

Ad Broere
webdesign by vincken.eu