Onderzoek naar schulden toont aan dat bezuinigingen vooral worden ingegeven om de elites te bevoordelen. Is er een nieuw internationalisme van de werkende klasse in de maak? Op 9 juni 2014 plaatste The Guardian een artikel, geschreven door Razmig Keucheyan naar aanleiding van een Frans onderzoeksrapport over de publieke schulden in Frankrijk. In dit artikel staan een aantal interessante ideeën over hoe de schuldenberg snel en effectief zou kunnen worden afgebouwd nadat door andere landen, waaronder ook Nederland, is vastgesteld dat evenals dat in Frankrijk het geval is een belangrijk deel van de publieke schulden onrechtmatig zijn. Daarom plaats ik de vertaling van dit belangwekkende artikel op mijn weblog, waarbij ik opmerk dat mijns inziens de financiering van de staatsschuld niet op de manier zou moeten worden gedaan zoals Keucheyan dat voorstelt. 


De geschiedenis heeft bewezen dat Frankrijk in staat is tot het beste en het slechtste, beide vaak in korte tijd.

Een dag na de overwinning van het Front National in de Europese verkiezingen, leverde Frankrijk een belangrijke bijdrage aan de herontdekking van een vernieuwende politiek voor de 21e eeuw. Op die dag publiceerde het ‘Comité voor een burgeronderzoek naar publieke schuld’ een rapport van 30 pagina’s over de Franse staatsschuld, zijn oorsprong en de ontwikkeling ervan in de afgelopen decennia. Het rapport is geschreven door een groep van specialisten in publieke financiering, gecoördineerd door Michel Husson, een van de beste kritische Franse economen. De conclusie is duidelijk: 60% (!) van de Franse staatsschuld is onrechtmatig.
Iedereen die het nieuws een beetje volgt is wel duidelijk welk een centrale plaats schuld inneemt in de hedendaagse politiek. We leven in een debtocratie in plaats van een democratie, zoals door onder andere David Graeber is aangetoond. Schuld is het heersende principe in onze samenleving, vooral als gevolg van de verwoestende bezuinigingspolitiek die wordt uitgevoerd om de schulden terug te brengen. Schuld was ook de belangrijkste drijfveer van de meest innovatieve sociale bewegingen in de afgelopen jaren; de Occupy beweging.


Als duidelijk zou worden dat de publieke schulden tot op bepaalde hoogte onrechtmatig zijn, dat burgers het recht hebben om een bevriezing van deze schulden te eisen en zelfs een kwijtschelding van een deel van die schulden, dan zouden de politieke gevolgen hiervan enorm zijn. Er is nauwelijks iets denkbaar dat een grotere en snellere verandering in de samenleving teweeg zou brengen dan de bevrijding van de beperkingen door schuld. En dit is exact waar het Franse rapport op uit is.
Het Franse onderzoek maakt deel uit van een bredere beweging van schulden audits op initiatief van de burgers in meer dan 18 landen. In Ecuador en Brazilië werd een gelijksoortig onderzoek verricht. Europese sociale bewegingen hebben eveneens schulden audits op hun prioriteitenlijst gezet, in het bijzonder de landen die hard zijn getroffen door de staatsschuldencrisis, zoals Griekenland en Spanje. In Tunesië heeft de post-revolutionaire regering de schuld die is ontstaan tijdens het bewind van Ben Ali een ‘onverdraaglijke’ schuld genoemd; een die slechts de machtskliek heeft verrijkt in plaats van de leefomstandigheden van het volk te verbeteren.

Imf


Het rapport over de Franse publieke schulden bevat meerdere belangrijke conclusies. Ten eerste de stijging van de staatsschuld van de afgelopen decennia kan niet worden verklaard uit een toename van de publieke uitgaven. Het neoliberale argument om de bezuinigingspolitiek te rechtvaardigen is steeds de buitensporige stijging van publieke uitgaven geweest; dat de samenleving in het algemeen en het de lagere klassen in het bijzonder, daardoor boven hun stand hebben geleefd.
Dit is een duidelijk foute voorstelling van de werkelijkheid. In de afgelopen 30 jaar, om precies te zijn tussen 1978 en 2012 zijn de publieke uitgaven in Frankrijk gedaald met 2% van het Bruto Binnenlands Product (BBP). Waaruit kan dan de enorme stijging van de staatsschuld worden verklaard? Ten eerste uit aanzienlijk lagere belastingopbrengsten. In de aangegeven periode zijn er grote belastingverlagingen voor de rijken en de grote ondernemingen doorgevoerd. Dit was geheel in overeenstemming met het beleid om op deze manier investeringen en de werkgelegenheid te bevorderen. Het tegendeel blijkt echter waar te zijn, want de werkloosheid is nog nooit zo hoog geweest, terwijl de belastingopbrengsten met 5% van het BBP zijn gezakt.
De tweede oorzaak is de toename van de rentepercentages in de jaren ’90. Deze hogere rentepercentages hebben de schuldeisers en de speculanten in de kaart gespeeld. Als de staat voor zijn financieringsbehoefte zich niet op de markt zou hebben gericht, maar direct zou hebben geleend bij de huishoudens tegen normale rentepercentages, dan zou de staatsschuld minstens 29% lager zijn geweest dan het huidige niveau ervan.


De belastingvoordelen voor de rijken en grote ondernemingen en de hogere rentepercentages waren politieke besluiten. Het onderzoek toont aan dat publieke schulden niet een organisch gevolg zijn van de normale gang van zaken in een samenleving. Ze zijn bewust teweeggebracht door de dominante klasse, om op deze manier overheidsbezuinigingen te rechtvaardigen, waardoor er waarde wordt overgedragen van de voor geld werkende klasse naar de klasse die geld voor zich laat werken.
Een onthutsende conclusie in het rapport is, dat niemand kan zeggen wie de eigenaren zijn van de Franse staatsschuld. De Franse staat richt zich –evenals alle andere landen- voor de financiering van de schuld op daartoe geautoriseerde banken, die de staatsobligaties afneemt van de staat. Deze banken verkopen vervolgens de obligaties wereldwijd op de financiële markten . Wie de eigenaren zijn van de schuldtitels is een van de best bewaarde geheimen ter wereld. De overheid betaalt rente aan de eigenaren van de obligaties, dus technisch gesproken zou het mogelijk moeten zijn om te weten wie deze eigenaren zijn. Toch verbiedt de onwetendheid koesterende wet bekendmaking van de identiteit van de obligatiehouders.

Dit opzettelijk gecreëerde rookgordijn van onwetendheid –agnotology- heeft de overheid in de neoliberale economieën doelbewust machteloos gemaakt, zelf al zou men de mogelijkheden hebben om te weten en te handelen. Deze ontwikkeling heeft ook ruimte gegeven aan de vele vormen van belastingontwijking, waardoor in 2013 de Europese landen tenminste 50 miljard euro zijn misgelopen.


De slotconclusie in het rapport luidt dan ook dat 60% van de Franse publieke schuld onrechtmatig is.


Een onrechtmatige schuld die is gegroeid door het dienen van de private belangen van hen die geld voor zich laten werken en die niet het gevolg is van de zorg voor het welzijn van de bevolking. Daarom kan het Franse volk in rechte tenminste een moratorium (geen rente en aflossing meer betalen) op deze schulden eisen en het schrappen van een behoorlijk deel ervan. Er is een precedent: in 2008 verklaarde Ecuador 70% van de staatsschuld als onrechtmatig.
De groeiende wereldwijde beweging voor onderzoek naar schulden, zou de basis kunnen vormen voor een krachtige impuls tot internationale samenwerking tussen hen die werken voor het geld. Dit is een van de gevolgen van de geldeconomie waarin de wereld is gedompeld.

Kissinger


Het nieuwe internationalisme kan worden opgebouwd met drie eenvoudige stappen:


1 Schulden audits in alle landen


Het gaat erom overal aan te tonen dat zoals het Franse onderzoek dat liet zien, schuld een politieke constructie is en dat het niet het gevolg is van samenlevingen die boven hun stand leven. Dit rechtvaardigt deze schulden te bestempelen als onrechtmatig en het kan leiden tot het schrappen van schulden. Vanzelfsprekend kunnen –moeten- deze onderzoeken worden uitgebreid tot de private schulden, zoals de Chileense kunstenaar Fransisco Tapia recent deed door de eigenaren van de studentenleningen op een intuïtieve manier te traceren.


2. Bekendmaking van de identiteit van de schuldeisers

De namen en adressen van schuldeisers zouden wereldwijd kunnen worden verzameld in een gids. Dit zou niet alleen helpen bij het bestrijden van belastingontwijking, het zou tevens onthullen dat de leefomstandigheden van de grote meerderheid steeds slechter worden terwijl een kleine groep enorm profiteert van de hoge publieke – en private- schulden. Het zou het politieke karakter van schulden aantonen.


3. Vermaatschappelijking van het bankensysteem

De staat moet stoppen met lenen op de financiële markten en de financieringsbehoefte moeten dekken door direct te lenen bij huishoudens en banken tegen redelijke en controleerbare rentepercentages. De banken zouden onder toezicht moeten worden gebracht van commissies samengesteld uit gewone burgers en niet uit vertegenwoordigers van de elite, om een permanente controle te kunnen uitoefenen op de ontwikkeling van schulden. Dit is vanzelfsprekend het moeilijke gedeelte, want socialistische elementen in de kern van ‘het systeem’ invoeren is een gevoelige zaak. Toch is er geen alternatief als we korte metten willen maken met de schuldendictatuur over ons leven.

 

aanvulling d.d. 16 juni 2014:

Dat de overheid niet zelf het geld schept in plaats van het te lenen op de financiële markten is het gevolg van de macht en de invloed van (de elite achter) de financiële markten en hun greep op overheden. In de periode tussen 1939 en 1974 toen de Canadese overheid zelf geld creëerde en het gebruikte voor overheidsinvesteringen ten behoeve van de bevolking was de staatsschuld laag en het effect van wat met het geld werd gedaan groot. Nadat de elite de Canadese overheid er in 1974 toe had overgehaald (vraag niet hoe) om staatsleningen uit te schrijven, steeg de staatsschuld pijlsnel. Rudo de Ruijter vertaalde het zeer interessante en leerzame artikel van Ellen Brown over dit onderwerp en plaatste het op zijn weblog. Inderdaad, DIT zou moeten worden onderwezen op scholen en universiteiten.

Ad Broere
webdesign by vincken.eu