In de Volkskrant van 19 oktober 2015 betoogt Edin Mujagic dat wat het Burgerinitiatief Ons Geld voorstaat al wordt gedaan. Hij gaat daarbij van onjuiste veronderstellingen uit. 

Edin Mujagic doet wat alle 'debunkers' van aan de heersende opvatting onwelvallige ideeën doen. Hij richt zich op de vermeende zwakte in de voorstellen van het Burgerinitiatief: op de overheid, die niet in staat is om de geldhoeveelheid te sturen. Tenminste, dat zegt Mujagic. Onderbouwing met voorbeelden geeft hij niet. Kennelijk heeft Mujagic niet goed geluisterd naar Klaas van Egmond die in de tweede ronde van het rondetafelgesprek op 14 oktober in het gebouw van de Tweede Kamer korte metten maakte met de mythe als zouden overheden er een zootje van maken als ze met de hand aan de geldkraan zitten. Mujagic maakt het nog bonter. Hij zegt dat overheden sinds 1971 de geldschepping al in handen hebben. Kennelijk weet hij niet dat de centrale bank niet wordt aangestuurd door de overheid en dat daardoor de overheid in de praktijk niets te zeggen heeft over geldschepping.

Nee, vanaf de ontwikkeling van digitaal geld, parallel aan de ontwikkeling van ICT, werden het steeds meer de commerciële banken, die de geldschepping in handen hebben genomen. 94% van de geldhoeveelheid (M2) is digitaal geld gecreëerd door banken. Banken doen dat op basis van de lening of kredietovereenkomst die de klant ondertekent. Geld door schuld, dus. 
Stuurt de centrale bank de commerciële banken? Alleen in theorie. In de praktijk lopen ze achter de feiten, dus achter de geldschepping door commerciële banken aan. Dit was in het bijzonder het geval voordat de bankencrisis uitbrak. De liquiditeits- en reserve eisen die door de centrale bank werden gesteld, werden door de commerciële banken ACHTERAF gerepareerd. Dus eerst de geldschepping en vervolgens het op orde brengen van de liquiditeits- en reserve eisen. Dat deden banken door interbancaire leningen en in het uiterste geval door te lenen bij de centrale bank. Driejarige leningen werden zelfs geboekt als risicodragend vermogen en deze leningen fungeerden daardoor niet alleen als liquiditeitsversterking maar ook als verhoging van de reserves. Hier had de overheid geen invloed op. Ook de centrale bank niet. De DNB liep voortdurend achter de feiten aan.

Waardoor gingen de commerciële banken uit een ander vat tappen? Doordat zij zelf de markt als ongunstig beoordeelden en uit risico overwegingen de kredietverlening hebben afgeknepen. De statistieken van DNB laten dit duidelijk zien. Zowel de hypotheken aan particulieren als de kredietverlening aan bedrijven zijn in de afgelopen jaren gedaald tot beneden de nullijn. De restrictieve eisen van DNB komen de commerciële banken uitstekend uit. Ze willen niet en hoeven ook niet, de eisen van DNB hebben de banken gelegitimeerd.

Kredietverlening Bedrijven

 

Het is ronduit ondermijnend om het Burgerinitiatief hardnekkig zo voor te stellen alsof de initiatiefnemers erop uit zijn om de politiek te laten beslissen over de geldcreatie. Er wordt door de initiatiefnemers consequent gesproken over een vierde macht. Edgar Wortmann, woordvoerder van Ons Geld, heeft in het rondetafelgesprek op 14 oktober helder toegelicht wat er wordt verstaan onder 'vierde macht'. Is het onwil of is het onkunde dat niet alleen Mugajic, maar ook anderen zoals Berk van DNB hardnekkig vasthouden aan het idee van de overheid die volgens het Burgerinitiatief de geldschepping gaat controleren?

Ook de gedachte dat krediet wordt verstrekt door de overheid stemt totaal niet overeen met wat het Burgerinitiatief wordt voorgestaan. Kredietverlening blijft bij banken! Dat wil zeggen, banken beschikken over het apparaat om aanvragen voor kredieten te kunnen beoordelen en fiatteren. Dat ze daarin voor het uitbreken van de crisis volledig hebben gefaald blijft door Mujagic cs. onbesproken. Het kan echter beter worden. Vooral als banken zich op deze kerntaak kunnen concentreren en niet langer worden gehinderd door de enorme mismatch qua omlooptijd tussen ingeleend en uitgeleend geld:

Mismatch Banken


Als dan verder het verdienmodel van banken niet langer zal zijn gekoppeld aan de hoeveelheid geld die wordt uitgeleend, maar aan de dienstverlening, dan wordt het misschien nog eens wat.

En de rol van de vierde macht? Niet sturend, maar toetsend, op basis van macro-economische criteria zoals 'gaan de geldstromen in evenredige mate naar de verschillende economische sectoren?' Dus, om de zeepbellen die de commerciële banken hebben veroorzaakt in de afgelopen decennia te voorkomen en om de productieve economie te stimuleren op basis van criteria zoals duurzaamheid en zorg voor het milieu. Dat is andere koek dan een voor Sinterklaas spelende overheid Edin Mujagic.

(c) Ad Broere

Ad Broere
webdesign by vincken.eu