MKB onder druk

Als
we naar een economie toe willen waarin menselijkheid en menselijke maat
niet langer als de taal van idealisten wordt weggezet, dan is het van
groot belang dat de rol en de positie van het MKB de nodige aandacht
krijgen.

Wat is het midden- en kleinbedrijf (MKB)?

 Het MKB bestaat uit drie categorieën:

  • Middelgroot:
    minder dan 250 werknemers, een jaaromzet van hoogstens € 50 miljoen of
    een jaarlijks balanstotaal kleiner of gelijk aan € 43 miljoen.
  • Klein:
    minder dan 50 werknemers, een jaaromzet van hoogstens € 10 miljoen of
    een jaarlijks balanstotaal kleiner of gelijk aan € 10 miljoen.
  • Micro:
    minder dan 10 werknemers, een jaaromzet van hoogstens € 2 miljoen of
    een jaarlijks balanstotaal kleiner of gelijk aan € 2 miljoen.

Wat is de positie van het MKB in de economie?

De volgende cijfermatige gegevens illustreren het belang en de positie van het MKB:

Verdeling MKB naar aantal medewerkers

  • aantal zelfstandigen: 21%
  • 1-10 werknemers: 28%
  • 10 – 99 werknemers: 40%
  • 99 – 250 werknemers: 11%

Het marktonderzoeksbureau Motivaction deelt MKB ondernemers op de volgende manier in:

De ontplooier (34% van alle MKB’ers), geniet van zijn onafhankelijkheid en is creatief

De pragmaticus (26%) is klantgericht en wars van status.

De expert (22%) is de perfectionist die niet onder een baas kan werken.

De hoeder (13%) houdt van zijn werk maar niet van het gedoe erom heen.

De jager (4%) houdt van risico en wil rijk worden.

De einzelganger (1%) is wat het woord al zegt.

Hoe
dan ook, dit klinkt toch veel menselijker  dan de grote ondernemer
(76%) die als hoofddoelstelling waardecreatie voor zijn aandeelhouders
heeft!

  • Kerngegevens midden- en kleinbedrijf (2007)
  • Aantal actieve MKB ondernemingen: 786.000
  • Werknemers in totaal (exclusief overheid): 7,4 miljoen
  • Werknemers in MKB: 4,4 miljoen (3,9 miljoen in 2010!)
  • Omzet totaal bedrijfsleven: € 1394,6 miljard
  • Omzet midden- en kleinbedrijf: € 817,2 miljard
  • 99.7 % van het totale bedrijfsleven valt onder de categorie MKB.
  • Iets meer dan 50% van het MKB is kleiner dan 10 werknemers. 

Deze
99.7% MKB ondernemingen zijn verantwoordelijk voor 58 % van de omzet in
het bedrijfsleven en bieden werkgelegenheid aan 60 % van alle
werknemers (driekwart van alle werknemers in de private (=niet overheid)
sector.

 

Bovenstaande cijfers illustreren de uitspraak,
dat het MKB (tot nu toe) de motor is van de economie en werkgelegenheid.
De snelle afname van 0,5 miljoen werknemers in minder dan 3 jaar doet
echter vrezen voor de toekomst van het midden- en kleinbedrijf.

 

MKB en menselijke economie

 

Waarom
is de rol van het midden- en kleinbedrijf in de ontwikkeling van een
economie waarin werkelijke aandacht voor mens, dier en aarde centraal
staan zo essentieel?

Omdat kleinere ondernemingen flexibel
zijn, weinig afstand kennen tussen leiding en medewerkers, meer open
staan voor innovatie en creativiteit en niet vast zitten aan gevestigde
belangen.

Bovendien is het MKB de kraamkamer voor nieuw
ondernemerschap. Vrijwel alle startende ondernemers beginnen klein. In
veel gevallen zijn het de beginnende ondernemers die met baanbrekende en
gedurfde initiatieven komen.

 

Het MKB onder druk

 

Banken en grote concerns beschouwen het MKB grotendeels als te riskant. Hiervoor worden de volgende argumenten aangevoerd:

Afhankelijkheid van vaak een persoon (continuïteit)

Geen toegang tot vermogensmarkten door de besloten structuur

De solvabiliteit (= financieel weerstandsvermogen) is zowel procentueel
als in absolute getallen aanmerkelijk lager dan grootbedrijf.

Voor het handhaven van de liquiditeit is het MKB sterk afhankelijk van banken en leveranciers.

Banken
en (grote) leveranciers laten het in de huidige tijd in grote mate
afweten voor wat betreft de kredietverlening. Het gevolg hiervan is dat
veel MKB bedrijven gebrek aan geld hebben met als gevolg dat er mensen
moeten worden ontslagen en in het ergste geval faillissement volgt:

2008:               14.835 faillissementen

2009:               22.803 faillissementen

2010:               26.097 faillissementen

2011:                7.875 faillissementen (januari – april)

Bron: faillissementenregister Nederlandse rechtbanken

In
dit lijstje is het aantal vrijwillige bedrijfsbeëindigingen niet
opgenomen. Veel ondernemers sluiten door het uiterst moeilijke
economische klimaat de deuren zonder dat er sprake is van faillissement.

Startende
ondernemers komen steeds moeilijker aan de bak, omdat banken ten
opzichte van deze categorie buitengewoon terughoudend zijn.

Kortom, het beeld ziet er allesbehalve rooskleurig uit voor het midden- en kleinbedrijf.

 

Een economie zonder MKB

 

Het
straatbeeld in de centra van onze steden wordt nu al beheerst door
steeds dezelfde bedrijfsnamen. De diversiteit is in de afgelopen
decennia enorm afgenomen.

Is dat erg? Het hangt ervan af hoe u
het bekijkt. Geen MKB betekent dat de beschikbare banen drastisch
afnemen, veel meer nog dan nu al het geval is. En de werkgelegenheid die
resteert, doet nauwelijks nog een beroep op menselijke inventiviteit en
creativiteit, of anders gezegd, is geestdodend.

Onze materiële
toekomst wordt bepaald door enkelen, de leidinggevenden van de grote
concerns. En niet vanuit een grote diversiteit aan initiatieven, ideeën, idealen, verbeteringen, voortkomend uit kleinere groepen van
mensen die met elkaar samenwerken aan de uitvoering van hun ideaal.

De
meeste mensen zijn in een economie zonder midden- en kleinbedrijven
hoogstwaarschijnlijk afhankelijk van een uitkering, misschien
eufemistisch basisinkomen genoemd, want de consumptie moet
vanzelfsprekend voortgaan.

 

Bescherming van het MKB

 

Het
midden- en kleinbedrijf zou beschermd moeten worden om in de toekomst
die belangrijke rol te kunnen vervullen van garantiegever van
werkgelegenheid, broedkamer van nieuw ondernemerschap en basis van
innovatie, vooral in de richting van een economie die wereld en mensheid
dient en niet alleen het materiële belang van enkelen.

 

Die gewenste bescherming ontbreekt echter. De overheid kan maar weinig doen, omdat de financiële middelen er niet zijn.

Toch is er een zeer grote groep mensen die deze bescherming wel zou kunnen bieden. Wie dat zijn? Wij, met z’n allen, in onze rol van consument!

In het verleden, toen de vrije markt economie nog niet zo nadrukkelijk zijn stempel had gezet, werd de slogan; Koop Nederlandse waar en wij helpen elkaar
vaak gebruikt. Deze boodschap is al lang geleden afgeschaft, omdat hij
niet paste in de plannen van degenen die baat hadden en nog steeds
hebben bij een vrije markt economie.

De belangen bij de
Nederlandse export maakten dat ruimte moest worden gegeven voor import
van goederen en diensten. Deze ontwikkeling leidde de neergang van
vooral het industriële midden- en kleinbedrijf in.

Ik pleit er
niet voor om de klok terug te draaien en evenmin om het vroegere midden-
en kleinbedrijf te idealiseren. Niet voor niets werden vanuit de
zuidelijke landen in de zestiger jaren van de vorige eeuw veel
gastarbeiders aangetrokken.

 

Een meer bij deze tijd passende boodschap zou zijn: “Koop bewust en bij voorkeur bij het MKB, want daar helpen wij elkaar mee” En dan vanzelfsprekend de producten en diensten die een bijdrage leveren aan een betere wereld!