auteur: Ad Broere
20 oktober 2009, bijgewerkt op 6 mei 2010

Op dinsdag 20 oktober reed ik langs het DSB kantoor in Wognum. Ik las diezelfde dag in de krant, dat de ABN Amro als een dief in de nacht het Scheringa museum had leeggehaald en dat de eerste kopers voor de leningenportefeuille van de failliete DSB Bank zich al hadden gemeld. Mijn gedachten gingen terug naar de periode van 25 jaar geleden toen ik zelf in het bankiersvak zat.

Ik heb Dirk Scheringa meegemaakt als klant van de bank toen ik in de jaren tachtig van de 20e eeuw bij de NMB werkte. Dat was nog in de periode dat hij zelf bij wijze van spreken op zijn fiets stapte en het geld van de lening letterlijk aan de klant in handen gaf. Als een 'wilde weldoener'. Zijn aanpak was simpel. Hij kocht geld in bij banken en leende het vervolgens uit aan particulieren als consumptieve lening. Vanzelfsprekend zorgde Scheringa er door scherp onderhandelen met de banken voor dat er een goede marge zat tussen inkoop en verkoop. Bovendien had hij een ploeg gemotiveerde medewerkers om zich heen, die lange uren maakten om de zaken administratief op orde te houden en vooral ook om de kredietwaardigheid van de klanten te toetsen. Want het acceptatiebeleid was van het begin af het belangrijkste fundament van zijn succes 1)

Hij onderscheidde zich vooral door snelheid van werken van zijn concurrenten. Bovendien waren de leentarieven van Bureau Frisia niet exorbitant hoog in vergelijking met die van  andere aanbieders. Zijn voorschotbank, zo heette dit type bedrijf, groeide snel door de wekelijkse advertenties in vooral radio en tv gidsen, de geschetste werkwijze en omdat hij links en rechts in den lande financieringskantoren opkocht. Om de schijn van concurrentie te laten bestaan bleven deze kantoren onder de namen Postkrediet, Brofinca, Becam etc. voortbestaan. In werkelijkheid bouwde Scheringa een monopolie op in de voorschotmarkt.

In het FD stond dat Scheringa vooral arme mensen tot hun nek toe in de kredieten stopte. Ik heb een wat andere visie hierop. Scheringa heeft in de jaren negentig en het begin van de 21e eeuw geprofiteerd van de enorme stijging in consumptieve bestedingen. Op basis van de waardestijging van woningen voorzag Scheringa op grote schaal naast doorlopende kredieten en persoonlijke leningen in tweede hypotheken, die behalve voor verbouwing aan de woning werden gebruikt voor auto's, boten, caravans , tweede huizen etc. Van dit consumentisme heeft niet alleen DSB geprofiteerd, de hele economie heeft er wel bij gevaren zoals de bouw, de autobranche, het toerisme etc.

Het zijn sterke benen die de weelde kunnen dragen. Charismatische mensen zoals Scheringa worden altijd omringd door lieden die hen op basis van eigenbelang doen geloven in hun grootheid. Hoewel Scheringa gewoon bleef doen, is ook hij kennelijk gezwicht voor de verlokkingen van megalomanie. Het bewijs hiervan ligt al in de naam van de bank; Dirk Scheringa Bank. Verder in de enorme onttrekkingen uit 'zijn' bank voor hobby's zoals magisch realisme, voetballen en schaatsen. En vanzelfsprekend stonden de belanghebbenden juichend om Dirk heen, die net als vroeger toen hij het geld nog naar de klant toebracht als een weldoener geëerd werd. Maar nu op grote schaal.

 

 

Voor kleine banken zoals de DSB is het een opgave om voor een goede marge tussen de inkoop en verkoop te zorgen. Immers om geld in te kopen moet een kleine bank in de regel meer bieden om in de markt te blijven. (Het rentetarief voor de inkoop van geld kostte de DSB gemiddeld 4,6% en verkoop leverde gemiddeld 6,4% op). Bovendien heeft een kleine bank niet de  beschikking over omvangrijke bedragen als gevolg van betaalrekeningen, die particulieren, bedrijven en instellingen bij de bank aanhouden. Dit is goedkoopste bron van vermogen voor banken.

Omdat het accent bij DSB recent is verschoven van consumptieve leningen en tweede hypotheken naar eerste hypotheken werd het een nog grotere opgave voor de bank om op deze manier aan omzet te komen. In 2008 bedroeg de gerealiseerde marge € 119 miljoen. Dit was onvoldoende om de kosten van € 170 miljoen te kunnen dekken.

De provisie op verzekeringen bedroeg in 2008 € 71 miljoen, bij een totaalbedrag aan nieuwe leningen van € 2 miljard. De DSB Bank was vanwege de tekortschietende marge op leningen te afhankelijk van verzekeringsprovisies. Bovendien passen provisies niet in een transparante manier van zaken doen. Het bedrijfsmodel van de bank was daarom in elk geval aan een herziening toe.

Het zou mij niets verbazen als Dirk Scheringa de laatste tijd met weemoed heeft teruggedacht aan de beginjaren toen hij nog een simpele voorschotbank had. Bankieren lijkt in de huidige financiële structuur minder met inzet en kwaliteit te maken te hebben dan met de plaats die de bank inneemt in "het netwerk". Om dit te illustreren neem ik de NIBC Bank als voorbeeld.

 

 

In mijn NMB tijd was de Nationale Investerings Bank (NIB) een gezaghebbende instelling. Als er een omvangrijk krediet moest worden opgetuigd, bijvoorbeeld voor het financieren van een diepte investering, dan werd de NIB betrokken bij de beoordeling. De bereidheid van die instelling om een lening te verstrekken of een garantie af te geven maakte dat het signaal bij de bank op groen stond voor de verdere financiering van het betreffende bedrijf.

In 1986 werd de NIB beursgenoteerd en in 2005 werd de inmiddels tot NIBC omgedoopte bank overgenomen; een consortium onder leiding van private equity investeerder J.C. Flowers & Co LLC werd aandeelhouder. Verder zouden ABN AMRO, Delta Lloyd en Banco Santander tot de groep aandeelhouders behoren.

Als merchant bank heeft de NIBC zich gespecialiseerd in de handel in verpakte hypotheken en bedrijfsleningen.. Ook derivaten speelden een belangrijke rol. De handel van de merchant bank NIBC bestond bijvoorbeeld onder andere uit de beruchte Collateralised Debt Obligations (CDO's), het financiële wanproduct dat de crisis inluidde.

Spaargeld speelde voor de financiering van de NIBC geen enkele rol van betekenis . Op een totaal vermogen van € 32 miljard was er slechts € 13 miljoen spaargeld (!) aan de bank toevertrouwd. Het grootste deel van de vermogensbehoefte werd gedekt door leningen, onder andere van collega banken.

In april 2008 stond over de NIBC het volgende in het FD:

NIBC wordt relatief hard geraakt doordat de bank is gespecialiseerd in het verpakken en doorverkopen van kredietportefeuilles aan institutionele beleggers.  De markt van handel in financiele producten is sinds de zomer stil komen te liggen. In augustus 2007 kwam NIBC als een van de eerste banken in de problemen door de Amerikaanse hypotheekcrisis. De bank heeft sindsdien honderden miljoenen moeten afschrijven. NIBC zegt nauwelijks nog risico's te lopen doordat het grootste deel van de subprime-portefeuille op afstand is gezet.

Toch wordt NIBC door marktpartijen nauwelijks meer kredietwaardig bevonden. Obligaties van de zakenbank worden met soms 20% korting verhandeld ten opzichte van de nominale waarde.

De NIBC Bank was begin 2008 op een nulpunt beland voor wat betreft de handel in financiële producten, volgens de NIBC zelf ongeveer 30% van het balanstotaal. De bank werd in die periode overeind gehouden door een kapitaalinjectie van € 400 miljoen door de aandeelhouders.

Later in dat jaar werd de NIBC geholpen door de Staat der Nederlanden met het aantrekken van een door de staat gegarandeerde lening van € 1,4 miljard en in 2009 nogmaals met een staatsgegarandeerde lening van € 3 miljard . Ook werd de bank in de gelegenheid gesteld om via de NIBC Direct Bank spaargeld uit de markt aan te trekken. In 2008 en 2009  voor een totaalbedrag van € 2 miljard. Ook werd er op de NIBC Bank faciliteit bij de Europese Centrale Bank van € 4 miljard geen haircut uitgevoerd.

In april 2009 werd in het FD door de bank duidelijkheid gegeven over de nieuwe strategie, die in 2008 al was geformuleerd: De tijd van de zakenbank naar Angelsaksische snit is voorbij. Bestuursvoorzitter, Jeroen Drost, verklaart dat de NIBC nu een bank is, die zich hoofdzakelijk richt op het verlenen van bedrijfskredieten en hypotheken. De bank wordt hierbij geholpen door de Nederlandse staat door deelname aan het stimuleringsprogramma van de overheid, waarbij kleine en middelgrote bedrijven kredieten kunnen aantrekken waarvan de afbetaling deels door de overheid wordt gegarandeerd. Hierbij heeft de NIBC een streepje voor vanwege het verleden als overheidsbank.

Een streepje voor?... Deze bank is toch in handen van een groep private investeerders? De financiële banden met de overheid zijn geheel doorgesneden.

De overeenkomst tussen DSB en NIBC is, dat beide banken geconfronteerd werden met een falend bedrijfsmodel. Het verschil tussen de twee is echter, dat de NIBC de tijd kreeg om een andere strategie te ontwikkelen c.q. de strategie aan te scherpen en de DSB Bank niet. De NIBC Bank werd hierbij financieel geholpen door de Nederlandse Staat en De Nederlandse Bank, de DSB Bank niet.

Wie zouden de dupe zijn geweest als de overheid de NIBC Bank in de tweede helft van 2008 niet geholpen zou hebben? Niet de spaarders, want die waren er niet. Wel 600 medewerkers, maar dat is eenderde van het aantal DSB werknemers dat nu door het faillissement hun baan is kwijtgeraakt. Kennelijk spelen werkgelegenheid en het belang van spaarders toch niet een doorslaggevende rol in de besluitvorming over steun bij de Overheid/DNB. Het gaat er hierbij overigens vanzelfsprekend niet om dat de NIBC de steun van overheid en DNB had moeten zijn ontzegd.

De vraag waarom de NIBC Bank wel   en de DSB Bank niet werd geholpen blijft voorlopig nog onbeantwoord. Als het aangekondigde onderzoek over de gang van zaken rond de teloorgang van de DSB wordt uitgevoerd dan komt hierop misschien een antwoord. Tenminste, als de commissie ook de NIBC als contrast in het onderzoek zou betrekken. Ik beveel dat van harte aan.

Ik denk dat de gang van zaken rond de DSB Bank begeleidend verschijnsel is van een verziekt geldsysteem. Als geld wordt vergeleken met bloed en de echte economie met het menselijke lichaam, dan brengt het bloed geen goede voedingsstoffen en dus gezondheid naar alle delen van het lichaam maar wordt het steeds meer vergiftigd. Om de echte economie weer gezond te maken is een geheel ander geldsysteem nodig. Een belangrijke stap in de goede richting zou zijn om van banken geld distributeurs te maken in plaats van geldscheppende instellingen. Want hiermee wordt een einde gemaakt aan het verschijnsel dat winsten van banken worden geprivatiseerd (naar de aandeelhouders gaan) en verliezen worden gesocialiseerd (voor rekening van de belastingbetaler zijn).

 

 (c) drs. A. Broere

 

  1)  In het FD van 6 januari 2010 stond dat de curatoren van de DSB Bank nauwelijks betalingsregelingen hebben hoeven te treffen voor klanten met acute betalingsproblemen. Dit bevestigt dat mijn veronderstelling over de kwaliteit van de leningen portefeuille door het acceptatiebeleid van DSB juist is. Waarom werd de bank niet geholpen door de 'Lender of the Last Resort' om de bankrun van de spaarders op te vangen. In het jaarverslag 2008 van DSB werd nog vermeld dat er nauwelijks problemen te verwachten waren in de leningen portefeuille.

 

  Dsb Bank

Met deze cartoon won  Jos Collignon op 12 januari 2010 de Inktspot prijs

 

Over de DSB Bank :

  • De 'lender of the last resort' , de Europese Centrale Bank heeft op 10 oktober 2009 de leningfaciliteit de DSB Bank van € 1.800 miljoen verlaagd tot € 1.000 miljoen.
  • De terugbetaling aan spaarders heeft tot het instellen van de noodmaatregel ongeveer € 550 miljoen bedragen.
  • In totaal was er eind 2008 volgens het jaarverslag van de DSB € 3,8 miljard aan spaargeld aan de bank toevertrouwd.
  • DSB Bank had eind 2008 een eigen vermogen van € 246 miljoen en een garantievermogen van € 381 miljoen.
  • De erkende claims van gedupeerde hypotheeknemers bedroegen voor het faillissement € 26 miljoen. Deze claim zou in een periode van tien jaar worden terugbetaald.
  • De winst na belasting van DSB bedroeg in 2008 € 21,8 miljoen.
  • Het FD becijfert een liquidatieverlies van € 591, 3 miljoen.
  • Hierin wordt een verlies op de hypotheekportefeuille van € 303,9 miljoen voorzien.

 

Dit stond op de balans van DSB per 31 december 2008 :

Hypothecaire leningen met 1e hypotheekrecht        4.352.008 gemiddelde rente 5,2%
Hypothecaire leningen met 2e hypotheekrecht        1.078.736 gemiddelde rente 6,6%
Consumptief krediet                                               1.270.449 gemiddelde rente 9,9%
Overige kredieten                                                    86.579

De DSB Bank betaalde in 2008 een gemiddeld tarief voor het spaargeld van 4,6%. Het gewogen gemiddelde tarief op het uitgeleende geld bedroeg 6,4%. De gemiddelde marge was 1,8% en het gemiddelde bedrag aan uitstaande leningen € 6,5 miljard. 

De provisie op verzekeringen bedroeg € 71 miljoen. DSB verleende € 2 miljard aan nieuwe leningen in 2008.

De schatting van € 303 miljoen verlies door het FD  is gebaseerd op 5% van het bedrag aan uitstaande leningen. Het belangrijkste fundament onder het succes van de DSB Bank was het kredietacceptatiebeleid. Door vele jaren ervaring in het verlenen van consumptieve kredieten had DSB hierin expertise opgebouwd.  De DSB Bank voorzag zelf een verlies van € 59 miljoen, maar dat was in een going concern situatie.

Er wordt gerekend op liquidatiekosten ter hoogte van € 200 miljoen . Dat zijn de kosten die de curatoren voorzien voor de afwikkeling van het faillissement. Dit bedrag werd overigens al gepubliceerd voordat het doek definitief viel voor de DSB Bank.

 

6 mei 2010: Deze inkomsten waren niet in de liquidatiebegroting van de curatoren opgenomen:

DSB Bank maakt, zo'n half jaar na het faillissement, weer winst. Per maand komt er 30 miljoen euro binnen aan rente en aflossing, terwijl de kosten ongeveer 1,5 miljoen euro zijn.

De winstgevendheid van de overblijfsels van DSB Bank is te danken aan een forse verlaging van de kosten. De personeels- en reclamekosten van DSB zijn sinds het faillissement flink teruggebracht. Ruim dertienhonderd personeelsleden van de grootste werkgever in de regio West- Friesland, moesten op zoek naar een andere baan. Ze kregen geen vertrekvergoeding mee omdat DSB bankroet was. Dure tv-spots en advertenties in omroepbladen werden gestopt. Bovendien hoeft de bank ook geen rente meer uit te keren aan de spaarders, die zo'n 3,5 miljard hadden gestald bij de bank in Wognum. De curatoren denken dat uiteindelijk tweehonderd personen bij DSB zullen werken.

Naar wie zou deze cashflow toestromen?


Over de NIBC Bank:

22 oktober 2009

NIBC heeft de uitgifte van pandbriefleningen uitgesteld.

NIBC heeft dit jaar via zijn internetspaarbank voor particulieren euro 2 mrd opgehaald. In totaal beheert NIBC nu euro 3 mrd aan spaartegoeden. Daarnaast heeft de bank euro 4,4 mrd aan obligaties uitgeven onder garantie van de Nederlandse overheid. Deze garantieregeling loopt in principe dit jaar af.

Volgens NIBC is het uitstel niet dramatisch omdat de bank het geld nu niet echt nodig heeft. Met het ophalen van miljarden aan spaargeld en de uitgifte van schuldpapier onder staatsgarantie heeft de bank een grote liquiditeitsbuffer aangelegd, die deels laagrentend wordt aangehouden bij andere banken.

 

Bartjens 8 maart 2010

 

De gezondste bank?

 

 

NIBC maakt morgen zijn jaarcijfers bekend. Als het goed is, behaalt de Haagse bank een positief resultaat. In de eerste drie kwartalen van 2009 verdiende NIBC € 28 mln en bestuursvoorzitter Jeroen Drost was bij de bekendmaking van dat cijfer betrekkelijk optimistisch.
NIBC lijkt in wat stabieler vaarwater gekomen, na een turbulent 2007 en 2008. Toen moest de bank honderden miljoenen euro's afschrijven op een portefeuille subprimehypotheken. Daarna ging de kapitaalmarkt voor NIBC dicht. Een nijpend gebrek aan vreemd vermogen dreigde.
Nu is NIBC een van de best gekapitaliseerde banken van Nederland, na onder meer een kapitaalinjectie van de aandeelhouders. Het Tier-1 ratio bedroeg aan het eind van het derde kwartaal 18,2%. 

Gebrek aan vreemd vermogen heeft de bank niet. Via zijn internetbank heeft NIBC meer dan € 4 mrd aan particulier spaargeld aangetrokken (zie tabel). NIBC heeft daarnaast Eur. 6,4 mrd aan obligaties uitgegeven onder garantie van de Nederlandse staat.
NIBC heeft ook nieuw management in huis. Bestuurslid Rob ten Heggeler kwam afgelopen zomer van de Rabobank om het corporate financebedrijf te leiden. Oud-ABN Amro dealmaker Menno de Jager is adviseur geworden, net als ondernemer Koos Tesselaar.
Maar of NIBC hiermee gezonder is dan andere Nederlandse ban Enige bescheidenheid zou NIBC sieren. Het is nauwelijks denkbaar dat de bank funding had kunnen aantrekken als de overheid niet had geholpen. Zonder de expliciete rugdekking van de staat via het depositogarantiestelsel, zouden spaarders hun tegoeden waarschijnlijk niet zo massaal aan NIBC toevertrouwen. Zonder de staatsgarantie voor obligatie-uitgiftes van banken, zouden beleggers niet zo makkelijk obligaties van NIBC kopen.

 

NIBC moet meer op eigen benen staan, al is het maar omdat de garantieregeling voor de uitgifte van obligaties na eind juni waarschijnlijk niet meer wordt verlengd. Een bank die volgens de eigen bestuurders tot de gezondste van Nederland behoort, moet toch zeker op eigen kracht obligaties kunnen uitgeven.

 

Bartjens@fd.nl

Reageer





Ad Broere
webdesign by vincken.eu